Eddy Merckx wordt dinsdag 80 jaar. Ter ere daarvan organiseerde Sporza zondagavond een speciale uitzending van Vive le Vélo. Leve Eddy, Presentator Karl Vannieuwkerke sprak met Axel Merckx, José De Cauwer en Eddy zelf over allerlei zaken die er toe doen. Ook over de vergelijking met Tadej Pogacar, die in de Dauphiné andermaal Kannibalistische trekjes vertoonde.
Verschil met vroeger
De discussie is al een tijdje gaande. En hoe langer de loopbaan van Pogacar duurt, hoe meer zijn palmares op dat van Merckx begint te lijken. De 26-jarige Sloveen heeft nu negen monumenten en vier grote rondes gewonnen. De Belg stopte op 32-jarige leeftijd met koersen en had toen maar liefst negentien monumenten en elf grote rondes op zak.
Los van alle resultaten en frequentie van overwinningen ziet Merckx een belangrijk verschil met zijn generatie en die van Pogacar. Hij ziet dat de druk op de renners van nu enorm is toegenomen. "Ik ben blij dat er in mijn tijd geen sociale media was", klinkt het.
"De renners van nu hebben nog meer druk, qua pers dan, dan ik in mijn tijd. Daarom dat ze ook minder koersen. Als ze zoveel zouden koersen als ik vroeger, dan is die druk niet meer houdbaar."
Axel zag zijn vader gehaat worden
Merckx won bijna één op de drie koersen waaraan hij deelnam. Dat zorgde voor veel lof en ontzag, maar daarmee creëerde hij ook vijanden. "Dat zie je nu ook met Pogacar gebeuren", stelt zoon Axel vast. "Hij wint zoveel dat de mensen hem beginnen te haten."
De kleine Axel had het daar moeilijk mee in zijn jeugdjaren. "Als kind zag ik beelden van mensen die 'boe' naar hem riepen of uitfloten. Dat choqueerde mij. Hij was gewoon zijn werk aan het doen. Maar die mensen waren kwaad dat hij won", zegt de nummer drie van de Spelen van Athene 2004 over zijn vader.
De Cauwer: 'Ik kon wel janken'
José De Cauwer maakte de haat tegen Merkcx ook mee. "Ik ben ooit met Eddy naar een nieuwelingenkoers gaan kijken. Axel zat in de kopgroep, maar won niet. De vader van de winnaar liep aan de overkant en maakte valse gebaren en schold Eddy uit."
"Ik stond aan de grond genageld en kon wel janken", vervolgt De Cauwer. "Hoe erg is dat? Wat kan die jongen daar nu aan doen? Die man was zowel trots als woest. Gewoon omdat zijn zoon Axel Merckx had geklopt."