De valpartij van Jasper Philipsen in rit drie was er eentje waar de organisatie niets aan kon doen. Maar wat er in de laatste kilometers allemaal gebeurde is volledig de schuld van de ASO en de UCI. Dat stelt Thijs Zonneveld in zijn analyse voor de podcast In de Waaier.
'Ik had de neiging om hekken te verplaatsen'
De bekende wielerjournalist valt over het parkoers in de finale. Er zaten een aantal versmallingen in de laatste kilometers en er lagen een paar flauwe bochten in de slotkilometer. Op precies die plekken ging het ook mis, met eerst een grote valpartij op drie kilometer van de finish en daarna eentje op ongeveer 500 meter van het einde.
"Ik wil naar wielrennen kijken", begint Zonneveld zijn tirade. "En daar hoort risico bij. Valpartijen horen tot op zeker hoogte bij wielrennen, maar als je dit ziet van tevoren in een boek, dan denk je al: 'o, mijn god... waarom?'", aldus de analist. Zonneveld fietste een paar uur voor de finish over het parkoers van de finale. Toen ergerde hij zich al.
"Ik had de neiging om hekken te verplaatsen. En op drieënhalve kilometer gaat het opeens van drie vakken naar twee vakken. Je weet gewoon dat ze daar gaan crashen. Dan denk je dat het in de laatste kilometer misschien nog meevalt. Maar eerlijk gezegd, het was nog erger dan we dachten."
De basis
Het frustreert Zonneveld dat er al jaren wordt gesproken over zulke gevaarlijke aankomsten, maar dat er in wezen niets verandert. "De basis is gewoon niet oké. Het gaat helemaal niet om dat we moeten koersen op circuits, of om gele kaarten, een te groot verzet, kleine stuurtjes of hoge sokken. Ze zijn alleen maar met de verkeerde dingen bezig", spuwt hij zijn gal over de UCI.
"De plek waar sporters hun beroep uitoefenen is gewoon niet oké. Het wordt niet gecheckt. Als wij als passanten dat stuk fietsen en kunnen zien dat het misgaat, dan zien de UCI-commissarissen dat toch ook? Dan ziet Thierry Gouvenou, de man die dit allemaal uittekent, toch ook dat het mis gaat? Er is toch iemand die tegen ze zegt: jongens, dit gaan we niet doen."
Volgens Zonneveld zit de oplossing helemaal niet in moeilijke dingen, of in dingen die veel geld kosten. "Maar gewoon de basis. Een normaal parkoers, normale hekken, niet in een bocht finishen. Of ze doen het express om ophef te krijgen. Of ze hebben gewoon schijt aan de renners. En ik weet niet wat erger is."
Wout van Aert en Dylan Groenewegen
In het vervolg van de podcast concluderen Zonneveld, Hidde van Warmerdam en Jip van den Bos dat de overkoepelende organisaties niet gaan zorgen voor veilige parkoersen. "Dus is er nog maar één optie over", aldus Zonneveld. "En dat is dat de ploegen en de renners het zelf doen."
"Maar dat is de allerslechtste optie. Want het hoort niet bij hun takenpakket dat zij moeten beslissen wanneer ze wel of niet meedoen aan de finale. Wout van Aert beslist vandaag dat hij niet mee doet, want het is te gevaarlijk. Om zoiets effect te laten hebben, moet je massaal niet mee gaan doen. Dan moet je zeggen: 'we gaan hier niet sprinten'."
Maar de Leidenaar ziet in dat zoiets praktisch onhaalbaar is. "Dan moet je tegen een Dylan Groenewegen zeggen dat hij hier niet mag sprinten. Dat is zo onwijs moeilijk. In het voorjaar is het wel een aantal keren gelukt. Toen stopten de renners en ploegen de koers wel zelf stil. Maar dat is in de Tour gewoon niet te doen", besluit Zonneveld met een machteloze conclusie.