Het klassieke parkoers van de vierde etappe paste Tadej Pogacar als gegoten. De Sloveen nam dan ook het initiatief en deed de eerste échte aanval deze Tour de France onder de klassementsrenners. Jonas Vingegaard verloor heel even de aansluiting, maar kwam toch nog terug. Laurens ten Dam duidde in de podcast Live Slow, Ride Fast het duel tussen de twee kemphanen.
Hoofd
Op het steile slotklimmetje deed Jhonatan Narváez de lead-out voor Pogacar. De aanval van de Sloveen was vervolgens verschroeiend, maar Vingegaard leek in eerste instantie redelijk 'eenvoudig' te kunnen beantwoorden. Net onder de top viel het echter toch weer de kant van Pogacar op. "100 meter voor de top kraakt Jonas", aldus Ten Dam. "Maar 83 meter voor de top gaat Pogi zitten."
Zelfs Pogacar zat dus volledig op z'n limiet. "Ik dacht: hij gaat zitten en gaat dan zittend doorrijden. Maar Jonas dacht: oh, dat gaat even een stukje langzamer. Ze kraakten allebei, maar op een andere manier. Jonas kraakte in zijn hoofd, maar als je op een manier zoals Mathieu van der Poel kraakt, dan ben je echt klaar."
Bevestiging
Dat deed Vingegaard niet volgens Ten Dam, want de Deen kon nog een aantal keren op de trappers staan. "Als je ziet dat de ander moet gaan zitten en je kunt nog versnellen en er naartoe, dan is dat onlogisch. Dan heb je het al opgegeven eigenlijk. Jonas kraakte echt met zijn hoofd, terwijl Pogi fysiek klaar was. Jonas zal niet meer zo snel in z'n hoofd kraken de komende weken."
Mentaal kan de vierde etappe volgens Ten Dam dan ook weleens doorwerken deze Tour de France. "Jonas kreeg de bevestiging dat ook Pogi pijn in zijn benen heeft. Soms heb je zo'n gast voor je rijden waarvan je denkt: die voelt zijn benen niet. Pogi raakte ook het plafond, het is ook hoopgevend voor de rest van het peloton."