De Tour wacht op niemand, ook niet op Visma | Lease a Bike. Hoe groot de teleurstelling in de tijdrit ook was, de ploeg van kopman Jonas Vingegaard moet door. Daags na de tijdrit sprak Wieler Revue met Tiesj Benoot over de huidige stemming in de ploeg.
'Het is goed om ontgoocheld te zijn'
De veelzijdige coureur ziet in rit zes een parkoers dat op zijn lijf is geschreven. "Maar we zijn hier natuurlijk met een ander doel. Daar heb ik perfect vrede mee. Dat wist ik vier jaar geleden toen ik voor deze ploeg tekende al. Ik kijk er gewoon naar uit om vandaag de ploeg zo god mogelijk bij te staan en dan hopelijk vanavond met een opgeheven hoofd aan het avondeten."
Daarmee blikt Benoot zelf al voorzichtig terug op de dag van gisteren. Toen was de sfeer niet opperbest bij Visma. "Maar het is niet dat het een begrafenisstemming is hoor. We zagen dit natuurlijk niet aankomen, maar een slechte dag kan altijd. De concurrentie kan die ook hebben. Het mooie aan de Tour is dat je de dag nadien weer verder kunt. Er gaan nog heel veel kansen komen deze Tour."
"Het kan ook goed zijn om ontgoocheld te zijn", vervolgt Benoot. "Ik denk dat er ook bepaalde mensen er kracht uithalen. Het is belangrijk om tijdig de knop weer om te zetten. Dat was voor mij vanochtend al het geval, toen hebben we een goede meeting gehad. Die rit van gisteren laten we achter ons en we proberen alles weer goed te doen zoals we het in de eerste vier dagen hebben gedaan."
Verklaring?
Vingegaard verloor uiteindelijk een minuut en vijf seconden op Pogacar en staat nu op 1'13 in het algemeen klassement. Dat resultaat zagen ze bij Visma natuurlijk niet aankomen, daar de Deen in de Dauphiné nog een veel betere tijdrit reed dan zijn grote rivaal.
Of er een verklaring voor is? "Die is er altijd. Maar de vraag is of je zo diep moet gaan zoeken om die te vinden. Als er al een verklaring gevonden wordt, wordt die zeker intern gehouden. Ik denk dat we het voorlopig op een slechte dag kunnen houden. We moeten vooral vooruit kijken. De verschillen zijn nog steeds klein en de bergen moeten er nog aankomen", besluit Benoot hoopvol.