Het avontuur van Rickaert en Van der Poel begon met een opmerking van die eerste. Normaal de lead-out van de ploeg, maar Rickaert wilde zelf ook eens op het podium van de Tour de France staan. De 'makkelijkste' manier: gaan voor de Prijs van de Strijdlust. Van der Poel wilde wel helpen en sprong vanuit de start achter zijn teamgenoot aan toen die ten aanval trok.
Podium
Rickaert en Van der Poel reden een enorm hoge snelheid, waarna Van der Poel op vijf kilometer van de meet in zijn eentje ervandoor ging. De Nederlander kwam heel dicht bij de dagzege, maar werd in de slotkilometer bijgehaald. Rickaert werd wél beloond, want hij mocht inderdaad op het podium komen en kreeg de Prijs voor de Strijdlust uitgereikt.
In de avond deed Rickaert nog eens zijn verhaal bij De Avondetappe. "Het was toch wel speciaal op het podium. Ondanks dat ik enorm heb afgezien, heb ik ervan genoten. Ik ben het niet gewend en wist niet wat ik moest verwachten, maar het was gewoon leuk om er eens op te staan. Mooi dat ik het kon delen met Mathieu en ook dat de familie er bij was."
Rickaert was wel bang dat Van der Poel de Prijs voor de Strijdlust uiteindelijk zou krijgen. "Ik zei gisteravond dat ik eens op het podium wilde staan. De Prijs van de Strijdlust was mijn beste kans, en dan vallen ook de bergetappes nog af voor mij. We kregen dus groen licht van de ploeg om dit te doen."
Afzien
Vervolgens werd een plan gemaakt en bij dat plan was ook Van der Poel meteen betrokken. "Hij wilde er graag aan meedoen. Hij zei meteen: 'Stel je voor dat we met twee vooruit zijn, en dan naar de overwinning rijden.' Ik dacht nog: rustig aan. Mooi dat we ook uiteindelijk met twee vooruit waren."
Al was het vooral afzien voor Rickaert. "Op kop, maar ook in het wiel. Op dertig kilometer van de aankomst zei ik dat ik kapot zat. Maar hij zei dat we samen moesten blijven omdat het erin zat. Ik heb 'm in de bus gevraagd of ik had mogen winnen. Hij zei dat hij 'm aan mij had gegeven. Ik had misschien nog meer op mijn tanden moeten bijten."
"Als je daaraan denkt dan doet dat wel een beetje pijn, maar het was echt op. En ik wilde geen stoorzender meer zijn voor Mathieu op het eind. Hij zei ook dat hij nog een beetje had versneld toen ik het liet lopen, en dat had ik zeker niet meer gekund."