Normaal is Tadej Pogacar de vrolijkheid zelve en kent z'n eerzucht bijna geen grenzen - hij wordt niet voor niets De Nieuwe Kannibaal genoemd. Maar deze Tour de France oogt Pogi toch net wat minder vrolijk dan normaal en in de laatste bergritten ging hij niet voor de ritzege.
Gelaten Pogacar is er klaar mee
Daar zullen Thymen Arensman, Valentin Paret-Peintre en Ben O'Connor blij mee zijn, zij mochten nu immers het podium op als ritwinnaar, maar wat is er aan de hand met Pogacar?
Het is natuurlijk een rare vraag aan iemand die op het punt staat zijn vierde Tour de France te winnen met een riante voorsprong, maar Cycling Weekly tekende na de rit van gisteren wel op dat het een gerechtvaardigde vraag is. De Sloveen klinkt namelijk ietwat gelaten, om het voorzichtig uit te drukken.
"Ik kan niet wachten tot de Tour de France voorbij is, zodat ik weer terug kan naar het normale leven. Ik vraag me vaak af waarom ik hier nog steeds ben, drie weken is zo lang. Je telt de kilometers tot Parijs, en ja, ik kan niet wachten tot het voorbij is zodat ik ook weer andere leuke dingen in mijn leven kan doen."
Nuance
Hij nuanceert die woorden nog wel iets, maar het is toch niet de vrolijke flapuit Pogacar die we gewend zijn. "Het is nog steeds wel mooi om hier te rijden, zelfs in de derde week wanneer je moe bent en iedereen om je heen je eigenlijk een beetje begint te irriteren, maar ja, je wilt gewoon naar huis."
"Maar uiteindelijk, als je op die grote beklimmingen rijdt en mensen je aanmoedigen en je extra motivatie geven, besef je dat het eigenlijk zo slecht nog niet is. Zeker als je goede benen hebt, dan maakt dat alles best wel goed."
Nog één keertje alles uit kast in Parijs?
Nog even volhouden, Tadej! Vandaag staat er nog een bergrit naar La Plagne op het programma, maar die is al flink gekortwiekt. Daarna is er zaterdag nog een rit voor de aanvallers en sluiten we zondag in Parijs af met drie keer de klim over Montmartre. Een gretige Pogacar zou daar nog voor de ritzege kunnen gaan; in 2023 probeerde hij het immers al eens op de Champs-Elysees zonder dat Montmartre in het parkoers zat.