Christoph Roodhooft zag zijn Alpecin-Deceuninck de Tour de France beginnen met twee ritzeges van eerst Jasper Philipsen en vervolgens Mathieu van der Poel. In de twintigste etappe zette Kaden Groves de kers op taart na een zeer knappe solo-winst naar Pontarlier. Het was voor Groves zijn eerste etappezege in de Tour de France.
Flow
Roodhooft moest na afloop bij de NOS toegeven dat hij dit scenario niet voor zich zag voorafgaand aan de etappe. "Maar op het moment dat hij in de ontsnapping zat met deze renners, op dit parkoers en in deze zware omstandigheden, dan weet je dat hij goed is. Hij zat de laatste dagen al in een flow, maar toen was het parkoers niet voor hem."
Op de klimmetjes liet Groves zien een van de sterkste renners van de kopgroep te zijn, zo zag ook Roodhooft. "Toen Harry Sweeny ging, was dat een ambetant moment. Maar uiteindelijk bracht die aanval ons twintig kilometer dichter bij de finish, en net dat maakte het uiteindelijk makkelijker. Hij kan ook vrij goed bergop, zeker als het aankomt op de derde week van een grote ronde."
Ongeloof
Volgens Roodhooft voelde de Australiër dat hij bij de twee of drie besten van de kopgroep hoorde. "En dan zit die valpartij uiteindelijk ook nog mee voor hem, maar ja, hij is uiteindelijk niet gevallen daar."
"Het is ongelooflijk. We beginnen de Tour op een fantastisch manier en sluiten hem nu ook heel mooi af. Met drie verschillende renners een rit pakken, dan is er verder niet veel méér te halen. We kijken morgen nog wel, maar we moeten tevreden zijn met wat we hebben. Alleen ja, een opportuniteit moet je nooit laten liggen."