De Tour de France Femmes begon met een interessant sprintje heuvelop dat werd gewonnen door Marianne Vos. Thjis Zonneveld moest even omschakelen, vertelde hij in de podcast In de Waaier. "Ik moest even resetten. In het begin van de koers dacht ik: waar zit ik naar te kijken? Dan rijd je op zo'n groot podium en rijdt er eentje vooruit... Maud Rijnbeek."
Marlen Reusser
Het venijn zat hem in de staart en was zeker wél de moeite waard, aldus Zonneveld. "Maar de eerste anderhalf uur was vormloos en totaal oninteressant. Van het hele voortraject kunnen we alleen zeggen dat Marlen Reusser heeft opgegeven."
De Zwitserse had al maag-darm-klachten in de Giro d'Italia en werd in aanloop naar de Tour de France Femmes weer ziek. "Gisteren stond ze te kotsen. Die stond aan de start terwijl ze al had opgegeven. Natuurlijk heb ik dat ook gehad op de fiets. Ik heb een jaar lang in Azië gefietst, haha. Je voelt je belabberd. Dat geloof ik ook allemaal, en in deze conditie had ze ook nooit een rol van betekenis kunnen spelen in de finale."
"Maar als je aan de start staat en je komt in een rit van 78 kilometer waarin het zo rustig gaat niet aan de finish... Omdat je ook nog je ploegmaat Lippert over haar rug gaat wrijven als ze is gevallen... Ja, ze heeft haar fiets gegeven. Dan pak je een nieuwe en dan ga je verder."
Twintig kilometer
Volgens Zonneveld is het ook mentaal dat Reusser niet finisht. "Daar heeft ze eerder last van gehad, want ze is ook weleens tijdens een tijdrit afgestapt. Ze is heel goed, maar om niet de finish te halen vandaag, dan denk ik wel: je had het kunnen proberen."
Niet dat Zonneveld twijfelde aan de ziekte. "Maar als je ze zo goed bent dan hoort daar ook een stukje mentale weerbaarheid bij. Dat ontbeert ze in elk geval nu, en heeft ze eerder ook gehad. Natuurlijk is het de vraag of je herstelt en hoe snel, maar ze kan vandaag ook op een kwartier eindigen."
"Ze moest nog twintig kilometer... Rijd naar de finish en ga nog eens langs bij de dokter. Ik vond het opvallend dat ze meteen afstapte, maar misschien ben ik nu te streng."
- Cor Vos