Anonieme ploegarts van WorldTour-team luidt noodklok over te magere rensters: 'Ze sturen foto’s van maaltijden die ze niet aten of van een weegschaal waarop iemand anders staat'

De trend (bij de mannen) is dat wielrenners weer (veel) meer eten, maar in het vrouwenpeloton is gewicht nog steeds een groot taboe en daardoor een groot probleem.

magere rensters in het peloton

Een anonieme ploegarts van een WorldTour-team maakt zich ernstige zorgen over de blijvende impact van magerzucht in het vrouwenwielrennen, zo zegt hij in een artikel van het Belgische magazine Knack.

Liegende rensters

Ondanks betere begeleiding en meer aandacht voor gezondheid, blijft het onderwerp moeilijk bespreekbaar. “Sommige rensters liegen. Ze sturen foto’s van maaltijden die ze niet aten of van een weegschaal waarop iemand anders staat,” vertelt de arts. “Aan de gezondheidsrisico’s denken ze niet. Enkel prestaties tellen. ‘Kinderen wil ik toch niet’ of ‘Osteoporose? Dat is voor later’, klinkt het.”

Ook voormalig Belgisch topwielrenster en ploegleidster Heidi Van De Vijver herkent het probleem. Zelf reed ze jarenlang met een vetpercentage van rond de tien procent, en op haar dertigste bleek haar botdichtheid die van een vrouw van boven de vijftig.

"Ik vermeed elke gram vet, woog mijn eten af en berekende mijn calorieën op basis van mijn trainingen", blikt ze terug. "Na mijn Tourzege (in de oude Tour Feminin, red.) wilde ik nog beter worden, maar ik ging te ver. Ik had nog een vetpercentage van acht procent. Toen besefte ik dat ik weer twee à drie kilo moest bijkomen."

Moeilijk om in te grijpen

In haar jaren als ploegleidster (tot 2023) zag Van De Vijver hoe moeilijk het blijft om het gesprek aan te gaan. "Als ik een te magere renster erop aansprak, botste ik vaak op een heel defensieve reactie. Dan stapte ik naar de ploegdokter of diëtist. Die hadden meer kans om tot de renster door te dringen.’

Volgens de ploegarts zijn de intenties goed, maar zijn de mogelijkheden beperkt. “We werken met diëtisten, kinesisten, gynaecologen en psychologen die beklemtonen dat extreem mager zijn geen voordeel biedt. Als we verontrustende signalen zien, proberen we in te grijpen. Maar we kunnen niet elke maaltijd controleren. Op stage kunnen we rensters in het oog houden, maar als ze thuis zijn, is dat veel moeilijker."