Hij had het niet zien aankomen
Toen Tom Dumoulin in 2020 samen met Jonas Vingegaard de Vuelta reed, dacht hij dat hij de jonge Deen wel kende. Een sterke klimmer, zeker, maar geen renner waarvan je zegt: die wint straks twee keer de Tour de France. Toch gebeurde precies dat. In een interview met het Spaanse AS gaf Dumoulin toe dat hij die explosieve ontwikkeling niet had voorzien.
“Ik zou kunnen zeggen van wel, maar om eerlijk te zijn: nee,” zei hij. “Hij is altijd een geweldige renner geweest, maar de stap die hij zette was ongelooflijk.”
Van helper tot wereldtopper
Dumoulin herinnert zich Vingegaard als een stille, gedreven ploeggenoot. Geen schreeuwer, geen man van grote woorden, maar iemand die zijn werk deed zonder poespas.
“Ik bewonder zijn kracht en zijn toewijding,” zei hij daarover. En dat is precies wat het verschil maakte. In een ploeg als Jumbo-Visma kon Vingegaard groeien in de luwte — tot hij de kans kreeg om te leiden, en die met beide handen greep.
De mentale omslag
Wat Dumoulin vooral opviel, is de mentale klik die Vingegaard maakte. “Hij veranderde zijn mentaliteit om leider van het team te worden en een van de beste wielrenners ter wereld", zegt hij tot slot.
Dat is misschien wel de grootste prestatie van allemaal. Niet alleen fysiek sterker worden, maar jezelf mentaal omvormen tot iemand die het gewicht van de Tour kan dragen — elk jaar opnieuw. Dumoulin zelf weet als geen ander hoe zwaar die druk doorweegt.
Eerder deze week schreven we over een andere passage uit het interview met de Spaanse krant. Daarin vertelde de Nederlander dat hij blij is dat hij in deze tijd geen wielrenner meer is.
- Cor Vos