Franse regels maken wielrennen duurder
In Nederland of België kan een renner vaak als zelfstandige werken. Hij stuurt zijn factuur, regelt zijn eigen verzekeringen en de ploeg betaalt wat op de rekening staat. In Frankrijk werkt dat totaal anders. Daar worden renners beschouwd als werknemers, compleet met vakantiegeld, pensioenpremies en verplichte sociale bijdragen.
Voor Decathlon–CMA CGM betekent dat een financiële berg: voor elke miljoen euro aan salaris komt er nog eens 35 procent aan lasten bovenop. Waar andere ploegen dus een renner kunnen betalen voor één miljoen, moet Decathlon er 1,35 miljoen voor neerleggen.
Wat dat betekent voor Olav Kooij
Neem het hypothetische voorbeeld van Olav Kooij, die vanaf 2026 voor Decathlon rijdt. Stel dat hij één miljoen euro verdient, dan kost hij de ploeg in werkelijkheid 1,35 miljoen euro (hij gaat in werkelijkheid meer verdienen). Dat verschil loopt snel op als je daar nog renners als Daan Hoole, Cees Bol en Tiesj Benoot bij optelt.
Toch trekt Decathlon zich daar weinig van aan. Met een budget dat richting de 40 miljoen euro gaat, is de ploeg financieel sterk genoeg om deze extra lasten te dragen. Voor Decathlon is wielrennen immers meer dan sport – het is marketing. Iedere sprintzege van Kooij betekent meer Van Rysel-fietsen over de toonbank.
Waarom Franse teams structureel op achterstand staan
De verplichting om renners als werknemers aan te nemen, zorgt al jaren voor een ongelijk speelveld in het profpeloton. Franse ploegen als Groupama–FDJ en Arkéa–B&B Hotels moeten miljoenen meer uitgeven aan hetzelfde talent.
Buitenlandse ploegen, die opereren vanuit landen met soepelere regels, kunnen voor hetzelfde geld een sterkere selectie samenstellen. Groupama-FDJ-manager Marc Madiot stelde onlangs in een podcast voor om alle ploegen dan maar in Zwitserland te vestigen, zodat iedereen met dezelfde regels te maken heeft.
Het verklaart nu deels waarom Franse teams zelden de allergrootste sterren aantrekken. Alleen een concern als Decathlon – met een enorme commerciële motor achter zich – kan het zich veroorloven om ondanks die fiscale handicap toppers binnen te halen.
Slimme marketing compenseert dure regels
Voor Decathlon draait het niet om winst in de boekhouding, maar om winst in zichtbaarheid. De ploeg gebruikt de koers als rijdende reclamezuil. De hogere loonkosten zijn dan gewoon de prijs van marketing die wereldwijd miljoenen kijkers bereikt.
Met CMA CGM als nieuwe sponsor, een fors groter budget en Olav Kooij als blikvanger heeft de ploeg het financiële nadeel omgebogen tot een troef: ze zijn duurder, maar ze zijn er ook naar gaan rijden.
- Cor Vos