‘We mogen niet denken dat de cross van ons is’: Wellens luidt de alarmbel over Belgische veldrijden

Bart Wellens zag bij Het EK in Middelkerke meer dan een Belgische zege. Volgens de oud-wereldkampioen dreigt het Belgische veldrijden zijn voorsprong te verliezen.

Bart Wellens kijkt geconcentreerd toe tijdens het EK veldrijden in Middelkerke, waar hij waarschuwde dat België zijn voorsprong in het veldrijden dreigt te verliezen.

Wellens kijkt verder dan de medailles

Het EK in Middelkerke leverde België opnieuw een droompodium op bij de elite mannen: drie landgenoten vooraan, feest op het zand. Maar terwijl het publiek juichte, maakt Bart Wellens zich zorgen. De ‘crossprofessor’ zag in Het Nieuwsblad onder de glans van het goud een probleem sluimeren. “We mogen niet denken dat de cross van ons is,” zei hij. “Daaronder was het maar povertjes.”

Zijn woorden klinken ongemakkelijk in een land dat zichzelf nog altijd ziet als het kloppende hart van de cross. Toch is dat precies waarom ze blijven hangen: Wellens kijkt niet naar één koers, maar naar een trend.

Belgische trots mag geen blinddoek worden

Volgens Wellens is het gevaar niet dat België slecht presteert, maar dat het zelfgenoegzaam is geworden. “We pakken nog wel twee bronzen medailles bij de jeugd, maar ik had nooit verwacht dat we ons twee keer zouden laten aftroeven door Italianen,” zei hij.

Dat zinnetje vat zijn zorg samen: waar België jarenlang automatisch domineerde, tonen landen als Italië, Frankrijk en Tsjechië dat techniek en samenwerking het verschil kunnen maken.

Het probleem is niet dat het buitenland beter wordt, maar dat België vergeet mee te evolueren. Trots is goed, zegt Wellens, zolang het geen blinddoek wordt.

Een gebrek aan teamgevoel

Wat Wellens vooral opviel, speelde zich af buiten het parcours. “Op de parking zag ik de Fransen en Italianen samen aankomen als één ploeg, terwijl wij Belgen allemaal in onze eigen camper zaten,” merkte hij op.

Een klein beeld, maar symbolisch voor een groter probleem. De Belgische cross is nog steeds een verzameling van sterke individuen, maar te weinig een collectief. Waar andere landen zichtbaar investeren in structuur en mentaliteit, blijft België drijven op traditie.

Jongeren moeten weer honger krijgen

Wellens richt zijn blik ook op de jeugd. De volgende generatie is getalenteerd, maar mist volgens hem het vuur dat vroeger vanzelfsprekend was. “Er is nog veel werk aan de winkel bij de Belgische jeugd,” waarschuwt hij. “Ploegen en de federatie moeten blijven investeren, want in het buitenland staan ze niet stil.”

Zijn boodschap is duidelijk: wil België zijn reputatie behouden, dan moet het weer leren knokken, leren vernieuwen en leren samenwerken.

Een ongemakkelijke waarheid, maar een juiste

Wellens klinkt streng, maar zijn toon is niet negatief. Integendeel: hij wil de cross scherp houden. De tijden van onaantastbare hegemonie zijn voorbij, maar dat hoeft geen ramp te zijn. Zijn waarschuwing is bedoeld als wake-upcall - en als eerbetoon aan de sport die hem groot maakte.
Want als er één iemand is die weet hoe je wint én verliest in het zand, dan is het Bart Wellens.