De geheime sensor van Pogacar: zo train je je lichaam als een machine

Hij gebruikt een onbekend apparaat dat zijn lichaam leert presteren als een machine. Zijn ploeg betaalt er zélf voor – maar waarom?

in regenboogtrui met gefocuste blik en futuristische uitstraling, symbool voor precisie en controle.

Het nieuwe geheime wapen van Pogacar

Tadej Pogacar stond erom bekend dat hij niet heel goed tegen hitte kon. Sinds 2024 is dat verleden tijd. Sinds toen verbeterde hij spectaculair. Dat wordt deels toegeschreven aan een een klein, hightech apparaat waar bijna niemand buiten het profpeloton iets van weet. Zo effectief, dat UAE Team Emirates het uit eigen zak betaalt. Geen gimmick, maar pure prestatieverslaving.

Dat apparaat – de Core 2-hittesensor – lijkt klein en onschuldig, maar volgens zijn makers kan het prestaties transformeren. Het idee is simpel: leer je lichaam omgaan met hitte, en het functioneert beter in álle omstandigheden. Of je nu op de Stelvio rijdt of op je Tacx in de schuur.

80 procent van je energie verdwijnt als hitte

De kracht van de sensor zit in een onthutsend feit: je lichaam gebruikt maar 20 procent van je energie om vooruit te komen. De rest – 80 procent – verandert in warmte. En die warmte moet ergens heen.

Volgens Core-manager Tobias Schmid kun je dat proces trainen, net als je spieren. “Het coole aan ons lichaam is dat we het thermosysteem kunnen trainen. Wie dat goed doet, verliest minder vermogen in de hitte – tot wel 26 procent minder.” Met andere woorden: door bewust te zweten, word je sneller.

Trainen in de sauna

Om dat effect te bereiken, moet je kerntemperatuur omhoog – tot ongeveer 39 graden. Dat doe je door overdressed op de indoortrainer te stappen of door na het fietsen de sauna in te duiken. Schmid bij BikeRadar: “Wie het aandurft, kan in twee weken volledig hitte-aangepast raken. Vijf tot zes sessies per week is genoeg.”

Het klinkt als marteling, maar profs gebruiken het om hun hoogtetrainingseffect vast te houden of zich voor te bereiden op verzengend hete koersen zoals de Vuelta - en soms dus ook de Tour.

Waar technologie helpt om het lichaam te beheersen, laat de hitte zien dat zelfs een machine kan overkoken. | Beeld: Cor Vos

Een vermogensmeter voor je lichaamstemperatuur

De Core-sensor zelf is niet groter dan een postzegel. Hij klikt op je hartslagband en meet via een warmtestroomsensor je kerntemperatuur. De bijbehorende app vertaalt dat in ‘heatzones’ en een ‘heat strain index’, zodat je precies ziet hoe zwaar je lichaam het heeft.

Je kunt er zelfs gericht mee trainen: zone 1 is veilig, zone 3 is waar de adaptatie plaatsvindt en zone 4 is de gevarenzone. Het voelt alsof je plots een dashboard krijgt voor iets wat eerder onzichtbaar was: hoe hard je lijf écht werkt om af te koelen.

Voor wie het aandurft

De prijs – 265 euro – is flink, maar vergeleken met een hoogtestage of een ‘altitude tent’ valt het mee. Toch is het vooral mentaal zwaar. Eén sessie voelt als een FTP-test in de sauna.

Wie het volhoudt, krijgt er iets voor terug: een lichaam dat beter presteert, ook als de temperatuur oploopt. Geen wonder dat ploegen als UAE Team Emirates en Red Bull-BORA-hansgrohe ermee trainen. De toekomst van wielertraining? Die is heet. Letterlijk.