Ploegbaas Soudal Quick-Step luidt noodklok: ‘Hopelijk wordt een renner niet meteen weggekaapt zodra hij iets kan’

De CEO van Soudal-Quick Step Jurgen Foré waarschuwt voor de groeiende kloof tussen rijke topteams en kleinere ploegen.

Jurgen Fore

Recordbudgetten en de impact op kleinere ploegen

Er gaat steeds meer geld om in de wielersport. Jurgen Foré, CEO van Soudal-Quick Step, noemt het in Het Nieuwsblad een dubbel gevoel: “Je hebt momenteel vier ploegen die ‘out of league’ zijn. UAE investeert al lang fors, en nu heb je ook Red Bull, Lidl en Decathlon. Op zich is het positief dat zulke sterke merken in de sport stappen. Maar tegelijk bieden ze langdurige contracten en salarissen aan waarvan ik denk: dit is ontwrichtend voor de teams met een normaal budget.”

De druk op talentontwikkeling

Kleinere ploegen moeten creatief omgaan met talenten en opleidingsteams, legt Foré uit: “Soms ben ik bezorgd. We investeren fors in jeugd en opleidingsteams. Op een bepaald moment moet dat voor onze sponsors renderen. Dat is een uitdaging: we moeten creatief zijn om talenten aan ons te binden, zodat we kunnen opboksen tegen die blokken. Als het spel correct gespeeld wordt, kun je nog iets opbouwen."

"Hopelijk stellen we straks niet vast dat een renner wordt weggekocht, zodra hij iets kan. We rekenen op de Internationale Wielerunie om ons daartegen te beschermen. Tegelijk is het aan ons om talenten te overtuigen door onze manier van werken. In die topploegen zijn ze vaak het zoveelste nummertje in de rij, terwijl ze in een team zoals het onze de ruimte krijgen om geleidelijk te groeien.”

Naar een eerlijker speelveld

Jurgen Foré bespreekt ook de uitdagingen van competitie en budgetten: “De ploegen hebben gezegd: je moet het geld niet uit de sport wegjagen, maar werken aan een beter economisch model voor het wielrennen. Van de tv-rechten ontvangen die momenteel niets. Dat grote bedrijven in de sport stappen, betekent net dat wielrennen interessant is. Alleen wordt er heel veel verwacht van de hoofdrolspelers. We koersen in vier continenten, en daar staat alleen een startvergoeding tegenover. Vaak is dat ruim onvoldoende om onze kosten te dekken. Vandaag komt 95 procent van ons budget uit sponsoring. Als je dan een miljoen verliest, heeft dat meteen een enorme impact op je werking.”

Salarisplafond?

Foré stelt voor om het probleem sportief aan te pakken in plaats van puur economisch: “Je hoeft het niet zover te zoeken als een salary cap. Werk met sportieve reglementen in plaats van economische. Leg bijvoorbeeld een maximum aantal UCI-punten vast dat elke ploeg aan de start van een grote wedstrijd mag brengen. Dat zou leiden tot een eerlijker speelveld zonder dat je in conflict dreigt te komen met Europese concurrentiewetgeving. Het zou ook uitwassen temperen, zoals helpers die waanzinnig hoge bedragen krijgen, of teams die een Tour-selectie aan de start brengen die meer kost dan het hele jaarbudget aan rennerslonen van kleinere ploegen.”