Tour-ambities blijven groot
Wilco Kelderman werd niet geselecteerd voor de Tour de France van 2025, maar zijn blik staat alweer op 2026. De Nederlander vertelt in RIDE Magazine dat hij dolgraag wil terugkeren naar de grootste koers van het jaar. Want hoewel Kelderman richting zijn 35ste verjaardag gaat, voelt hij zich verre van afgeschreven.
Tegelijkertijd wordt de afweging tussen familie en wielercarrière steeds prangender. Zijn dochters worden ouder, de hoogtestages blijven lang, en soms wringt dat. “Soms is het weggaan voor lange hoogtestages en wedstrijden wel even lastig", klinkt het openhartig. Toch benadrukt hij dat zijn motivatie nog altijd “onverminderd groot” is.
De vraag hoe lang hij nog doorgaat
De vraag die hij zichzelf stelt, is er een die veel renners richting het einde van hun loopbaan herkennen. Wanneer merk je dat het minder leuk wordt? Wanneer vergt het wielrenleven meer dan het oplevert? “In ieders carrière zit een kantelpunt, dat factoren als familie en conditie het wielrennen minder leuk maken en dat je er klaar mee bent.”
Hij twijfelt niet openlijk over stoppen, maar dat de horizon dichterbij komt, ontkent hij niet. Wat de nummer drie van de Giro d'Italia 2020 overeind houdt, is de energie die hij krijgt van een groot plan. Dat kan een Tourzege zijn voor het team of een set koersafspraken die een wedstrijd kunnen openbreken. “Ik merk dat een plan om de Tour te winnen of om een koers te doen ontploffen mij sterker maakt.”
Waarom die bizarre statistiek hem niets kan schelen
En dan wordt het onderwerp aangesneden waar wielervolgers al jaren over praten: zijn unieke reeks WorldTour-resultaten. Kelderman staat inmiddels op 160 top-10-noteringen zonder WorldTour-zege. Een cijfer dat bijna te absurd is om waar te zijn. Maar zelf? Hij trekt zich er niets van aan. “Ik geniet van de successen met de ploeg en ik ben superblij dat ik iedere dag hard kan trainen.”
Kelderman is er opvallend nuchter onder. Hij spreekt niet van gemiste kansen of verkeerde beslissingen. Ook geen ‘wat als’. “Ik heb van geen enkele keuze in mijn carrière spijt, of het gevoel dat ik kansen heb laten liggen door voor anderen te rijden", aldus de man die samen met Dylan van Baarle urenlang op kop reed voor Jonas Vingegaard in de laatste Vuelta a España.
De hoop op een perfect jaar in 2026
Toch blijft er één klein kiertje hoop open. Want zelfs al staat hij er nuchter in, ergens sluimert de wens om het verhaal nog mooier te maken. “Wie weet is 2026 wel hét jaar dat het op zijn plek valt.” Het klinkt niet als een uitspraak van iemand die ermee wil ophouden. Eerder als een renner die nog één keer écht wil verrassen.
- Cor Vos