Kittel herinnert zich hoe diep het wantrouwen zat
“Er waren fans die naar ons schreeuwden en spuugden,” zegt Kittel. Hij vertelt het zonder dramatiek in de podcast van Domestique, maar je hoort dat het indruk maakte. Als jonge renner kwam hij binnen in een wereld waarin het vertrouwen volledig was verdampt. “Ik vroeg me af wat dit met míj te maken had.”
Volgens Kittel verklaart die periode waarom doping nooit een afgesloten hoofdstuk wordt: wie in zo’n klimaat begint, blijft altijd alert op de donkere randen van de sport.
Hij ziet de dopingjaren als een amputatie, geen litteken
“Het wielrennen verloor een been,” zegt hij hardop, een metafoor die hij bewust extreem kiest. Hij bedoelt ermee dat de schade veel groter was dan alleen imagoverlies. Volgens Kittel was het een totale klap voor de geloofwaardigheid van de sport.
Toch noemt hij die tijd noodzakelijk. “Het gaf ons de kans om echt te begrijpen waar het misging.” Zonder die harde spiegel, zegt hij, was er nooit echte verandering gekomen.
Volgens Kittel is de sport schoner, maar zeker niet schoon
“Ik geloof niet dat het wielrennen nu schoon is. Absoluut niet,” zegt hij. “Wie dat denkt, kijkt niet goed naar de realiteit.”
Kittel benadrukt dat dit geen aanval is op de huidige generatie, maar een nuchtere observatie. De druk om te presteren is groter dan ooit, met stijgende budgetten en steeds hogere verwachtingen.
“Er zullen altijd mensen zijn die proberen het systeem te omzeilen,” zegt hij. “Dat hoort niet per se bij wielrennen, maar bij mensen.” Daarom pleit hij voor constante alertheid, juist omdat de sport door haar verleden extra kwetsbaar blijft.
Doping ontstaat volgens hem vaker uit druk dan uit kwaadwilligheid
Kittel ziet hoe verleiding soms een kwestie is van overleven. “Sommige renners zien geen manier om iemand te bedriegen, maar een kans om een beter leven te krijgen.”
De druk om je plek te behouden, een contract te verdienen of simpelweg mee te kunnen: het maakt dat een misstap soms dichterbij ligt dan buitenstaanders denken. Voor Kittel is dat precies waarom het systeem robuust moet blijven. Niet om iedereen te wantrouwen, maar om iedereen te beschermen tegen de valkuilen van topsport.
Gezonde twijfel hoort bij de sport, zegt hij
“Journalisten en fans hebben het recht om te twijfelen.” Kittel ziet die houding niet als cynisme, maar als iets wat het wielrennen nodig heeft. Als een prestatie uitzonderlijk voelt, moet er gekeken worden, vindt hij. Niet om direct te beschuldigen, maar om duidelijkheid te scheppen en vertrouwen te behouden.
Volgens hem heeft het wielrennen zichzelf die kritische blik van het publiek deels aangedaan, en is het beter om die eerlijk te omarmen dan weg te wuiven.
Maar achterdocht mag geen automatisme worden
“Mensen doen ongelooflijke dingen op de fiets… omdat alles precies samenvalt op die ene dag,” legt Kittel uit. Hij ziet hoe moderne wetenschap, planning, voeding en innovatie prestaties mogelijk maken die vroeger ondenkbaar waren.
Daarom waarschuwt hij dat we niet moeten doorslaan in wantrouwen: niet elke topprestatie is verdacht. Soms klopt simpelweg álles tegelijk.
De kunst is volgens Kittel om ruimte te houden voor bewondering, zonder blind te worden.
- Cor Vos