Zelfs een supermagere renner heeft een bizar grote vetvoorraad
Eerst even het wtf-feit: zelfs een supermagere renner draagt grofweg 50.000 tot 100.000 kilocalorieën vetenergie mee. Dat is je grootste brandstoftank, verstopt onder je huid en in je spieren. In theorie kun je daar dagen op fietsen.
Maar let op wat daar staat: in theorie. Want de vraag is niet hoeveel vet je hebt, maar hoe snel je lichaam het kan gebruiken tijdens het fietsen.
Vetverbranding werkt vooral bij rustige intensiteit
Vetverbranding is de dieselmotor van je lijf. Perfect voor lange, stabiele ritten in een comfortabel tempo. Het omzetten van vet in energie gaat alleen trager en vraagt meer zuurstof.
Zodra jij harder gaat rijden, bijvoorbeeld in een waaier, op een klimmetje of in je favoriete Strava-segment, schakelt je lichaam vanzelf naar koolhydraten. Niet omdat je vet 'op' is, maar omdat je vetmotor simpelweg niet snel genoeg kan leveren voor dat tempo.
De kleine koolhydraattank verklaart je lege benen
Je koolhydraatvoorraad is veel kleiner dan je vetvoorraad. Daarom kun je na twee of drie uur stevig doorrijden ineens leeg lopen, terwijl je nog een vetvoorraad voor dagen bij je hebt.
Op dat moment zijn je glycogeenvoorraden laag, en je tempo is nog te hoog om volledig op vet door te draaien. Dat voelt alsof je tank leeg is, maar eigenlijk heb je nog liters diesel. Alleen, je rijdt op een snelheid waarbij die diesel niet meer bij te benen is.
Waarom meer vet verbranden niet hetzelfde is als afvallen
Hier komt de mythe. Ja, in rustige duur verbrand je relatief meer vet dan bij een intensieve rit. Maar afvallen gaat niet over welk brandstofje je tijdens één rit gebruikt. Het gaat over je totale energiebalans over de dag en de week.
Als je op een rustige rit 500 calorieën verbrandt, en je eet later onbewust 500 calorieën extra omdat je trek hebt, dan is je nettoverlies nul. Je lijf houdt geen dagboek bij met 'vetzonepunten'. Het kijkt alleen naar calories in en calories out.
Vetverbranding trainen, waar het wél goed voor is
Betekent dat dat vetverbranding onzin is? Zeker niet. Een sterke vetmotor is goud waard als je lange ritten rijdt, toertochten doet of meerdere dagen achter elkaar zwaar traint. Je leert efficiënter vet gebruiken, spaart je koolhydraten langer en je zakt minder snel door het ijs.
De beste manier om dat te trainen is saai maar effectief: lange duurtrainingen op een tempo waarbij je nog kunt praten. Daar bouw je je aerobe basis mee. Je hoeft er geen hongertraining van te maken, het gaat om de prikkel, niet om jezelf slopen.
Slimmer omgaan met gewicht zonder je trainingen te verpesten
Wil je afvallen, doe dat dan niet door elke rit zo leeg mogelijk in te gaan. Dan lever je kwaliteit in, en uiteindelijk ook motivatie. Beter werkt het om genoeg te eten voor zware dagen, en op rustdagen of lichte dagen wat zuiniger te zijn. Zo houd je de training goed en bouw je een klein, vol te houden tekort op.
Kortom, vetverbranding helpt je vooral langer sterk blijven rijden. Afvallen lukt alleen als je structureel, slim en gedoseerd minder energie binnenkrijgt dan je verbruikt.