'Niemand hielp ons', knecht Riesebeek over het moment dat Van der Poel in Milaan-Sanremo wankelde

We herinneren ons de Milaan-Sanremo van Van der Poel als de mooiste koers van het jaar. Oscar Riesebeek vertelt hoe het bijna heel anders liep.

Close-up van Mathieu van der Poel in de finale van Milaan-Sanremo, met een grimas van inspanning.

In onze eindejaarsnummer (hier verkrijgbaar) lees je een uitgebreide reconstructie van de prachtige Milaan-Sanremo die we dit voorjaar zagen. Hier lees je alvast het relaas van Mathieu van der Poel z'n trouwe helper Oscar Riesebeek. Hij vertelt onder andere over een belangrijk moment dat je niet op tv zag.

Milaan-Sanremo als koers van kansen en chaos

Volgens Riesebeek is Milaan-Sanremo een heel ander soort beest dan de meeste monumenten. “De finale van Milaan–Sanremo staat erom bekend dat er veel mogelijk is en dat er tot diep in de finale verschillende winnaars mogelijk zijn.”

Dat maakt ook de mindset van de kopman anders. “Aan Mathieu merk je vrij weinig. Je hoeft in Sanremo niet altijd de beste renner in koers te zijn om te kunnen winnen. In Lombardije is het heel anders: daar wint de beste renner gewoon altijd. Volgens mij maakt dat Mathieu ook wel relaxed. Hij weet als geen ander dat je ook een beetje geluk moet hebben.”

Die rust bleek nodig toen de rolverdeling onderweg veranderde. “Naast Mathieu was ook Jasper Philipsen kopman, maar die reed lek in de finale. Het kostte veel energie om terug te komen want er werd superhard gereden. Toen was het duidelijk dat het sowieso voor Mathieu ging zijn.”

De knecht die de weg vrijmaakt

Riesebeek was in Sanremo een van de laatste mannen rond Van der Poel. Niet alleen om gaten te dichten, maar vooral om hem op de goede plek te houden. “Mathieu zegt niet veel, maar als hij naar voren wil dan laat ie het wel weten. Meestal maakt hij zelf de beslissingen in de koers.”

Toch moet zelfs een superkopman soms een duwtje krijgen. “Hij is altijd heel rustig dus soms zeg ik wel tegen hem dat ik vind dat het tijd is om op te schuiven. We hebben in de Ronde van Vlaanderen namelijk een keer de situatie gehad dat we achter de feiten aanreden en de eerste waaier misten. Dat wil je altijd voorkomen en dat is mijn taak. Mathieu houdt zich vooral bezig met de finale.”

In aanloop naar de Cipressa zag je dat plan terug. “Hij is heel behendig, maar in aanloop naar de finale koos hij er wel voor om in mijn wiel te blijven zitten. In principe kan hij iets verder zitten, maar hij wil dan toch helemaal vooraan zitten om risico’s zoveel mogelijk te sluiten. In die dorpjes heb je een aantal hele diepe putten en hij wil niet in het gedrang komen.” Sanremo is ook een kwestie van schade vermijden.

Het breekpunt na de Turchino

En toen kwam dat moment dat je op tv amper meekrijgt, maar dat voor een ploeg alles kan breken. “Op de Turchino moest ik Mathieu een beetje van voren houden, wat op zich goed ging. We bereikten de kust en plotseling werd het warm. Windjackjes en alle andere extra kleren moesten weer uit, dus wij stopten even voor een sanitaire stop. Pogacar stopte ook.”

Wat daarna gebeurde was pure Sanremo-chaos. “Maar toen schoot het peloton plotseling in gang en we hebben heel lang moeten rijden om weer aan te sluiten. Ik reed daar alleen met Mathieu en niemand hielp ons. Dat was zeker wel even een moeilijk momentje. Het was jammer dat andere ploegen hiervan probeerden te profiteren. Misschien heeft dat Mathieu ook wel geprikkeld.” Je voelt het mechanisme: even kwetsbaar, even alleen, en dan gaat de knop om.

Pogacar versus Van der Poel, niemand wil buigen

Riesebeek keek ook met interesse naar het duel met Pogacar. Dat de Sloveen bleef meerijden met een intrinsiek snellere sprinter? Volgens hem logisch. “Ze hebben allebei al zo’n grote erelijst. Ze komen allebei ook vaak in de situatie dat renners niet overnemen omdat zij de grote favorieten zijn. Dus dat flikken ze elkaar niet. Ze zijn te trots om het dan nog uit handen te geven vanwege een tactisch steekspel.”

En let op de toekomst, zegt de knecht. “En Pogacar is ook niet traag hè. Hij heeft Mathieu in de Dauphiné dit jaar al eens in de sprint geklopt. Hij zal ook in de komende jaren proberen Mathieu er op de klimmetjes af te rijden. Dat is zijn grootste kans.” Met Sanremo als eerste hoofdstuk van een rivaliteit die nog jaren door gaat.

Interviews