Giro d'Italia 2026: deze kleine tweak had het parcours véél beter gemaakt

Het parcours van de Giro d'Italia 2026 is gemaakt om van te watertanden, maar één timingkeuze dreigt de ronde opnieuw lam te leggen. Een column over de Italiaanse ronde.

wilco kelderman in de roze trui tijdens de giro d'italia 2020

Prachtige route, maar je ziet het zwaartepunt al van ver

De start van de Giro d'Italia in Bulgarije is een frisse binnenkomer. Drie etappes om warm te draaien, sprinters blij, aanvallers blij, klassementsmannen vooral nerveus maar nog niet in paniek. Daarna rolt de ronde Italië in en krijg je vrij snel Blockhaus, zo’n klim die meteen een eerste rangorde schetst zonder dat je al in beton giet wie er wint. Prima opbouw dus.

Week twee gooit er een ouderwets lange tijdrit van ruim veertig kilometer tegenaan. Die chrono is goud waard voor het klassement, omdat het echte verschillen creëert en een ronde een nieuwe dynamiek geeft. Vervolgens gaat het geleidelijk richting het noorden, met genoeg klimwerk om je te laten voelen dat de Giro serieus wordt.

Tot hier: niets mis mee. Alleen, iedereen weet al waar de ronde naartoe leeft.

De volgorde van de finale klopt, alleen ligt hij een week te laat

Sportief gezien is het slotweekend logisch. Eerst een monsterlijke Dolomietenrit (etappe negentien) die je benen tot poeder maalt, daarna twee keer Piancavallo (etappe twintig) als nabrander op de schade van de dag ervoor. Dat recept werkt gegarandeerd.

Maar de timing is beroerd. Want die twee bergetappes liggen in het allerlaatste weekend, en daarna is het meteen Rome en klaar. Daarmee maak je van twee topdagen niet het hoogtepunt van een verhaal, maar het hele verhaal. Alles wordt opgeslokt door het wachten op de negentiende etappe.

En dat zien we al een tijdje. De Giro is de laatste jaren verliefd op een finale die pas helemaal aan het eind ontploft. Denk aan die klimtijdrit waar Primoz Roglič en Geraint Thomas pas op de voorlaatste dag het roze uitvechten. Denk aan de Finestre van dit jaar, zo laat dat het hele peloton ernaartoe koerste. Denk aan de Passo Fedaia, waar Hindley in het slotweekend toesloeg. Stuk voor stuk geweldige ontknopingen en spektakelkoersen, maar ze trekken het hele narratief naar zich toe.

Wachten wordt rationeel, en dat is precies wat je niet wil

Als je de zwaarste ritten zo laat neerzet, is voorzichtig koersgedrag geen karaktertrek meer, maar strategie. Ploegen rekenen, sparen, overleven. Niemand wil zichzelf opblazen in rit 16 als etappe 19 het echte slagveld is. De Giro krijgt dan een aanloop waarin favorieten vooral niet willen verliezen.

Voorlaatste weekends gaven de Giro-chaos die je bijblijft

Er waren edities waarin dit soort blokken een weekend eerder lagen. Dolomieten in het voorlaatste weekend, daarna nog dagen koers over. Dan kreeg je Giro op z’n best: klassement explodeert, leider wankelt, achtervolgers blijven geloven, de ronde blijft bewegen tot het einde.

Zelfs als het voor Nederland pijnlijk was, was het wel geweldig om te zien. Steven Kruijswijk pakte het roze in de Dolomieten in het voorlaatste weekend en verloor het daarna alsnog. Kelderman rook op Piancavallo aan eindwinst, om in de resterende bergetappes zijn droom weg te zien glippen. Pure rollercoaster, juist omdat er na het beslissende weekend nog koers was.

Eén simpele schuif maakt de Giro 2026 meteen beter

De oplossing is bijna gênant simpel. Zet die twee laatste bergetappes van de Giro d'Italia 2026 in het voorlaatste weekend. Laat er daarna nog een paar dagen over om het klassement opnieuw te ontregelen. Dan kan de sterkste man in koers onder druk gezet worden en kan de Giro nog kantelen als iedereen denkt dat het al beslist is.

Je houdt dezelfde bergen en dezelfde heroïek. Alleen geef je de Giro weer ruimte om gek te doen. En precies dát is wat ons in mei aan de buis gekluisterd houdt.

Columns