Column | Rocycle: Wat ik als enige man leerde van 60 zwetende vrouwen

Onze columnist trotseert de in zweet-gedrenkte zaal vol vrouwen (1 op 60). Is dit een serieuze workout, of sta je vooral voor lul? En waarom collega André nu écht moet gaan.

Een man fietst in het midden van een donkere Rocycle-spinningzaal, omringd door tientallen vrouwen, met neonlicht en kaarsjes langs de vloer.

‘Toe, ga een keertje met ons mee!’ Vijf vrouwelijke collega’s proberen me over te halen om mee te doen met ‘Rocycle’. Ik was enigszins bekend met het concept, maar meer dan ‘een uurtje spinning voor vrouwen’ kwam ik niet. Rocycle blijkt een absolute hit in Groningen. Blijkbaar is de hoofdstad al een tijdje helemaal in de ban van het nieuwe fenomeen. Zoals zo vaak hobbelt de provincie er een jaartje later achteraan.

Ik vraag mijn collega’s of ik als man überhaupt word toegelaten tot de les, aangezien ik ervan uitga dat het een ‘women only’-concept is. Maar ze stellen me gerust. 95% is inderdaad vrouw, maar je wordt als man zeker niet weggekeken. Ik geef toe, en fiets op een regenachtige dinsdagavond richting de heuse Rocycle Studio. Ik sta in een rij vrouwen een beetje onwennig om me heen te kijken, totdat ik mijn collega’s ontwaar die me kennis laten maken met de self check-in. Ik sla snel rechtsaf richting de mannen kleedkamer, waar ik me inderdaad moederziel alleen omkleed voor een uurtje Rocycle.

De oase van clownsschoenen

Ik had mijn sportschoenen meegenomen, aangezien ik ervan uitging dat de fiets vast met platte pedalen zou komen. Maar collega Yentl stuurt me linea recta naar een soort van inloopkast, waar rijen speciale ‘Rocycle’ schoenen klaarstaan. Yentl zegt dat ik een maatje groter moet pakken dan mijn daadwerkelijke schoenmaat, en ik volg uiteraard haar advies. Ik heb hetzelfde gevoel als vroeger bij het bowlen: je trekt van die clowneske huur-schoenen aan en je zelfrespect blijft even bij de balie liggen. Maar goed, gedeelde smart is halve smart. (Tip: Neem de volgende keer je eigen wielerschoenen mee! SPD of SPD-SL.)

De groep vrouwen en ik zetten zich in beweging richting het heilige der heilige. Er zijn weinig plekken waar ik me als man zo'n indringer voel als in een Rocycle Studio. Het is er donker, het ruikt naar dure sportkleding, en de ratio is 1 op 60. Ik verwacht elk moment dat een instructrice met een wierookstokje langskomt om de calorieën uit mijn zonden te branden. Als je 5 minuten voor aanvang niet aanwezig bent heb je dikke, vette pech. Niets mag het proces verstoren. Ook word je geacht niet meer te praten zodra de les begonnen is. We stappen een duistere ruimte in alwaar een stuk of 60 spinningfietsen klaarstaan. Op de achtergrond beukt al zachtjes de beatmuziek. Instructrice Suzan ziet blijkbaar dat ik nieuw en onwennig ben en heet me welkom. Ik wil mijn fiets al zelf afstellen, maar Suzan is me voor en zet het zadel op de juiste hoogte. ‘You’re ready!’. Blijkbaar gaan we nu in het Engels over.

Hm, niemand kijkt naar me

De voertaal tijdens de les is inderdaad Engels en vijf minuten later swing ik, zwetend als een otter, van links naar rechts op het nummer ‘Barbra Streisand’ van DJ Duck Sauce. Ik zit midden tussen mijn collega’s op de eerste rij. Voor hen is dit routine en perfect op de maat bewegen ze van voor naar achter en van links naar rechts. 'And cross, and middle and clap those hands!' Ik probeer het ritme te volgen, maar vaak ben ik een fractie te laat met de moves. Ik voel mij de nerdy gast op een bruiloft die de macarena probeert te dansen, maar dan op een fiets. Ik kijk stiekem om me heen of iemand last van me heeft. Hm, niemand kijkt naar me. De lichten zijn uit en iedereen is te druk bezig met afzien. Er wordt amper naar elkaar gekeken en dat is precies de bedoeling!

Suzan zweept de deelnemers op en vraagt of we mee willen klappen en joelen. Ook wordt er op een gegeven moment met de handdoek (die je niet zelf hoeft mee te nemen) boven het hoofd gezwaaid. Ik brul een keertje mee, maar mijn lage stem steekt nogal af met de rest van de deelnemers. Ik schrik en stel me de rest van de les wat bescheidener op. Na een minuut of 20 stoppen we met trappen en pakken we de twee dumbbells die onder het zadel hangen. Waarna je zo’n 10 minuten in de weer bent met de gewichten. Suzan stapt van de fiets, draait haar rug naar ons toe zodat we haar voorbeeld goed kunnen volgen. Mijn armspieren beginnen serieus pijn te doen en ik ben blij als Suzan zegt dat we weer mogen gaan fietsen. Gelukkig maar. Na die dumbbells vreesde ik echt voor een muis-weigerende arm op kantoor de volgende dag.

HIIT in een zweet gedrenkte disco

‘Flip that latch!’, ‘It’s time for that right leg!’ en ‘Close your eyes and focus on your journey!’ Na drie kwartier beuken op de beat is elke spier in mijn lichaam verzuurd en hoop ik dat mijn 'journey' er bijna opzit. Dit is geen spinning, dit is een high-intensity intervaltraining, met aandacht voor elke spier. En ik moet zeggen: het is een leuke ervaring. Waarom het per se als een vrouwendingetje gezien wordt, snap ik niet zo goed. Misschien houden mannen er minder van mee te klappen of de handdoek boven je hoofd te laten zwaaien? Of misschien zijn we bang dat de groepsenergie onze zorgvuldig opgebouwde 'loner' status in gevaar brengt?

Inmiddels ben ik ook, zonder mijn collega’s, een keertje wezen Rocyclen en ik kan het andere mannen –zeker in de donkere wintermaanden– sterk aanbevelen.

De uitdaging voor solist André

Tot slot een oproep aan mijn nogal solistisch ingestelde collega André om over dat drempeltje heen te stappen. Zet je schroom opzij. Ik weet dat je liever in stilte afziet. Kom een keer mee. Rocycle is zo donker en de muziek is zo hard dat je je in je eentje kunt verliezen, zonder dat iemand je aankijkt. Het is het perfecte excuus om uit je comfortzone te stappen, zonder je solistische imago te schaden.