Influencer en ex-prof slaat alarm: 'Ze melken de cross uit en duwen haar richting het slachthuis'

Elodie Kuijper trekt hard van leer tegen hoe cyclocross wordt bestuurd. In een openhartig statement op Instagram waarschuwt ze voor hoge kosten, een betaalmuur en regels die de sport volgens haar kapotmaken.

elodie kuijper kijkt lachend in de camera

Elodie Kuijper begint haar verhaal persoonlijk en zonder omwegen. “Ik was profveldrijdster tot ik in 2022 moest stoppen, niet omdat ik het niveau niet meer aankon, maar omdat het financieel onhoudbaar werd.” Daarmee maakt ze meteen duidelijk waar volgens haar het echte probleem zit: niet op de fiets, maar daarbuiten.

Twee derde van het peloton betaalt alles zelf

Wat volgens Kuijper structureel wordt onderschat, zijn de kosten voor renners buiten de absolute top. “Wat veel mensen niet weten, is dat twee derde van het cyclocross-peloton alles zelf betaalt.” Ze noemt reizen, campers, materiaal en begeleiding als vaste lasten die vaak volledig op het bordje van de renner belanden.

Ze kaart ook een hardnekkig misverstand aan. “Maar leven al die renners niet van royaal startgeld? Vergis je niet, dat geldt voor misschien tien procent van het peloton, hooguit.” Voor de grote meerderheid is startgeld geen vangnet, maar hoogstens een incidentele meevaller.

Een kleine sport met grote kosten

Volgens Kuijper wringt het vooral omdat cyclocross relatief klein is, maar wel extreem duur. “Cyclocross is een kleine sport met grote kosten.” Ze maakt dat concreet door te wijzen op het materiaal dat nodig is om mee te kunnen doen. “En dan hebben we het nog niet eens over acht wielsets, drie fietsen, reserveframes en onderdelen, allemaal betaald uit eigen zak.”

Wie denkt dat achter elke renner een professioneel team staat, heeft het mis, zegt Kuijper. “Je kunt het simpelweg niet doen zonder een sterk support-systeem.” In de praktijk betekent dat vaak improviseren. “Mechaniekers zijn vaak familieleden en soigneurs zijn ouders of partners.”

Globalisering klinkt mooi, maar wie profiteert?

Kuijper zet vraagtekens bij hoe de internationale uitbreiding van de sport wordt gepresenteerd. “De globalisering van cyclocross wordt door de UCI en organisaties gepresenteerd als een succesverhaal. Maar laten we eerlijk zijn, wie profiteert hier eigenlijk van? Niet de sport.”

Cyclocross achter een betaalmuur

Een groot deel van haar kritiek richt zich op de betaalmuur rondom wedstrijden. Kuijper vraagt zich hardop af wie daar beter van wordt. “Niet de fans, niet de teams en zeker niet de sponsors.” Ze noemt ook het bedrag dat kijkers moeten betalen. “Twintig euro per maand om cyclocross te kunnen volgen, wanneer komen we op het punt dat mensen gewoon afhaken?”

Volgens Kuijper wordt het probleem versterkt door nieuwe regels rond beeldgebruik. “Teams mogen tijdens de koers en tot 24 uur erna geen bewegende beelden delen op social media.” Ze begrijpt de redenatie daarachter, maar ziet vooral de schade. “Fans worden zo gedwongen te betalen om te kijken, maar de gevolgen zijn minder zichtbaarheid, minder sponsorwaarde en uiteindelijk meer problemen voor renners en teams.”

‘Dit is geen groei’

Kuijper eindigt haar statement met woorden die blijven hangen. “Dit is geen groei. Ze melken de sport uit en duwen haar richting het slachthuis.” Het raakt haar, schrijft ze, omdat ze afscheid moest nemen van “de mooiste discipline in het wielrennen”. Haar boodschap is helder: cyclocross verdient volgens haar een toekomst die verder kijkt dan snelle opbrengsten.

Cyclocross