De grote frustratie van de hongerige polderstoemper
Het is de grootste uitdaging van de gemiddelde wielrenner die geen vedergewicht is. Je doet enorm je best, fietst drie keer in de week de longen uit je lijf en toch blijft die wijzer van de weegschaal onverbiddelijk steken.
In een wanhopige poging om eindelijk dat strakke klimmerstruitje te passen, besluit je om tijdens je ritten de hand op de knip te houden. Geen extra reepjes, geen sportdrank, maar gewoon op een houtje bijten in de hoop dat je lichaam de eigen vetreserves aanspreekt.
Toch is dit precies het moment waarop het misgaat. Je eindigt je rit volledig gesloopt, met trillende benen en een honger die zo groot is dat je bij thuiskomst de halve koelkast leegplundert. De wetenschap achter een fitter lichaam is voor een zwaardere renner namelijk even simpel als tegenstrijdig. Je moet meer eten op de fiets om uiteindelijk een lichter en sterker lichaam over te houden.
De grote motor vraagt simpelweg om meer brandstof
Laten we eerlijk zijn, een krachtige fietser van negentig kilo heeft een heel andere motor dan een ranke klimmer van zestig kilo. Je kunt het vergelijken met een grote vrachtwagen en een kleine stadsauto. Iedereen begrijpt dat die vrachtwagen veel meer brandstof verbruikt, zelfs als hij alleen maar stationair voor het stoplicht staat te wachten. Jouw lichaam heeft grotere spieren en simpelweg meer lijf om in beweging te houden.
Alleen al om je basale functies draaiende te houden, verbrand je veel meer calorieën dan je lichte fietsmaten. Zodra je de weg op gaat en tegen de wind in moet beuken, schiet dat verbruik de hoogte in. Als je die grote motor vervolgens probeert te laten draaien op een tankje van een brommer, dan weet je één ding zeker: je strandt ergens halverwege met een lege accu.
Voorkom dat je lichaam op de handrem gaat
Wanneer je een zwaarder lichaam consequent te weinig brandstof geeft tijdens een inspanning, gebeurt er iets wat je juist wilt voorkomen. Je systeem schiet in de ‘overlevingsstand’. Je lichaam is namelijk een meester in efficiëntie en denkt dat er een hongersnood is uitgebroken. In plaats van vet te verbranden, gaat je stofwisseling op de handrem om zoveel mogelijk energie te besparen.
Dit merk je direct aan je prestaties. Je voelt je futloos, je bent sneller prikkelbaar en je herstel na een training duurt dagen in plaats van uren. Je bent je eigen motor aan het smoren in plaats van hem sterker te maken. Door te kiezen voor meer eten op de fiets, geef je je lichaam juist het signaal dat er genoeg energie is, waardoor de vetverbranding open blijft staan.
Brandstof als je geheime materiaalupgrade
In het moderne profpeloton is het woord dieet bijna verboden. De toppers spreken alleen nog over ‘fueling’, oftewel het gericht bijtanken van de motor. Voor een zwaardere wielrenner is dit de enige weg naar succes. Door tijdens je rit consequent koolhydraten binnen te krijgen, voorkom je dat je suikerspiegel keldert. Dit zorgt ervoor dat je hersenen niet in paniek raken en je na de rit niet die oncontroleerbare vreetbui krijgt.
Juist door die extra banaan of dat extra reepje te eten, houd je de intensiteit van je training hoog. Je kunt langer doortrappen, meer vermogen leveren en daardoor uiteindelijk veel meer energie verbranden dan wanneer je futloos over het asfalt kruipt. Eten op de fiets is dus geen zonde, maar een tactische zet om je motor op volle toeren te laten draaien.
Een goed gevoede motor verbrandt meer energie
De oplossing voor de zware fietser is dus eigenlijk heel prettig. Je hoeft jezelf niet uit te horen, je moet alleen slimmer plannen. Zorg dat je voor vertrek een goede basis legt en blijf tijdens de rit elk uur iets kleins eten. Je zult merken dat je de laatste tien kilometer van je ronde nog steeds de kracht hebt om even aan te zetten, in plaats van dat je alleen maar hoopt dat je de oprit haalt.
Uiteindelijk zul je zien dat je met een volle tank veel makkelijker die overtollige kilo’s kwijtraakt. Een goed gevoede motor is een blije motor, en een blije motor verbrandt nu eenmaal veel meer brandstof. Leg die angst voor dat extra reepje dus naast je neer en geniet van de kracht die weer in je benen komt.