Dankzij een oplettende lezer is dit artikel bijgewerkt. We hadden Wouts opmerking gelezen als 'gewoon maandag', maar het moest 'gewonnen maandag' zijn: een prachtige woordspeling op Verloren Maandag die we in eerste instantie over het hoofd zagen.
Terwijl de wielerwereld nog de schrik in de benen heeft van zijn val in de Zilvermeercross en de daaropvolgende enkelbreuk, zit Wout van Aert alweer op de fiets. Negen dagen na zijn operatie voltooide hij een buitenrit van 33,3 kilometer, aan ruim 32 kilometer per uur. Zijn commentaar op Strava? Geen heroïsche kreet, maar een briljante woordspeling die getuigt van scherpte en humor: ‘Gewonnen maandag’.
De slimme knipoog achter ‘gewonnen maandag’
Voor wie niet uit de regio Antwerpen komt, behoeft de opmerking wat uitleg. Van Aert, zelf een rasechte Kempenaar, maakt een directe en uiterst slimme verwijzing naar ‘Verloren Maandag’. Dat is de dag na de eerste zondag na Driekoningen, waarop traditioneel niet wordt gewerkt en men zich te goed doet aan worstenbroden en appelbollen. Een ‘verloren’ dag voor de productiviteit dus.
Door zijn eerste, cruciale trainingsdag om te dopen tot ‘gewonnen maandag’, draait hij dat concept volledig om. Waar een ander verliest, boekt hij zijn eerste, grote overwinning in de race tegen de klok.
Een medisch wonder of berekend optimisme?
Maar, is deze snelle terugkeer niet té snel? Volgens sportarts Tom Teulingkx, die kort na de val zijn licht liet schijnen op de situatie, hoeft de vrees voor het voorjaar niet groot te zijn. Hij stelde destijds dat een dergelijke blessure vaak binnen drie tot vier weken kan helen. Omdat een wielrenner zijn enkel redelijk kan fixeren in het pedaal, is de belasting anders dan bij bijvoorbeeld een loper. Het lijkt erop dat zijn optimistische prognose nu dus lijkt te kloppen.
Het terugkerende spook van de pech
Toch kan niemand om de bredere context heen. De val in Mol was de zoveelste tegenslag in een carrière die, in schril contrast met die van zijn eeuwige rivaal Mathieu van der Poel, gekenmerkt wordt door vallen en opstaan. Wieleranalist Johan Bruyneel sprak de harde woorden: “Hij lijkt wel verdoemd”.
Ook Thijs Zonneveld legde de vinger op de zere plek door te stellen dat het bij Van der Poel een vloeiende lijn is en bij Wout “knippen en plakken”. Elke blessure of ziekte is een nieuwe verstoring in de jacht op topvorm.
De blik op de weg vooruit
De tijd zal leren in hoeverre de enkelbreuk daadwerkelijk effect heeft op het wegseizoen van de pechvogel. De realiteit van vandaag is een trainingsrit van 33 kilometer op een doodnormale maandag, die allesbehalve normaal is. Het toont een atleet die weigert bij de pakken neer te zitten.
De discussie of hij het risico van het veldrijden nog moet nemen, zal ongetwijfeld verder oplaaien. Maar één ding is zeker: Wout van Aert is alweer bezig met het enige dat voor hem telt, en dat is zo snel mogelijk weer in topvorm geraken.
- Cor Vos