Terwijl een deel van de fietsers veilig op Zwift zit, trotseer jij de vrieskou. Dat is dapper, maar je zult merken dat je lichaam anders reageert dan bij een ritje in de zomer. Fysiologisch gezien is sporten bij temperaturen onder nul topsport voor je lijf, zelfs als je langzaam fietst. We leggen uit waarom je hartslagmeter gekke sprongen maakt en waarom je wattages juist achterblijven.
Je interne kachel draait overuren
De belangrijkste reden voor die hoge hartslag is simpel: thermoregulatie. Je lichaam heeft één hoofddoel en dat is je kerntemperatuur op 37 graden houden. In de vrieskou verlies je razendsnel warmte aan de omgeving.
Om dit te compenseren, moet je stofwisseling harder werken om warmte te produceren. Je hart moet niet alleen bloed rondpompen om je benen te laten draaien, maar moet ook hard werken om die interne kachel brandend te houden. Dit extra 'onderhoudswerk' zie je direct terug in een hartslag die 5 tot 15 slagen hoger kan liggen dan normaal bij dezelfde inspanning.
Minder bloed naar je spieren
Tegelijkertijd gebeurt er iets tegenstrijdigs. Om je vitale organen warm te houden, vernauwen je bloedvaten zich in je armen en benen. Dit heet vasoconstrictie. Je lichaam trekt het bloed als het ware terug naar de kern.
Het gevolg? Er stroomt minder zuurstofrijk bloed naar je spieren. Je benen krijgen dus minder brandstof dan normaal, waardoor je minder vermogen kunt leveren. Je trapt dus minder watts, maar je hart werkt zich een slag in de rondte. Dit verklaart het frustrerende gevoel dat je "niet vooruit komt" terwijl je wel diep gaat.
Koude lucht en je longen
Daarnaast speelt de lucht zelf een rol. Vrieslucht is extreem droog. Bij elke inademing moet je lichaam die lucht verwarmen en bevochtigen voordat het je longen bereikt. Dit kost vocht en energie. Bij sommige fietsers zorgt de koude lucht voor een lichte vernauwing van de luchtwegen (inspanningsastma), wat de ademhaling bemoeilijkt en de hartslag verder opjaagt.
De man met de hamer loert
Omdat je lichaam zoveel extra energie steekt in warm blijven, verbrand je meer koolhydraten dan vetten. Je suikervoorraad gaat er in rap tempo doorheen. Het gevaar is dat je dit niet doorhebt, omdat je door de kou minder dorst en honger hebt. Voor je het weet, sta je volledig geparkeerd. Die plotselinge energiedip kan je hartslag ook ontregelen; soms schiet hij omhoog door stress, soms zakt hij juist in elkaar omdat de tank leeg is.
Trainen op gevoel, niet op data
Wat moet je met deze wetenschap? Vooral niet panikeren. Het is normaal dat je data in de winter afwijkt. Trainen op strikte hartslagzones of vaste wattages is in de vrieskou vaak frustrerend en onnauwkeurig.
Laat die getallen los. Rijd op gevoel (RPE: Rate of Perceived Exertion). Als het voelt als een rustige duurrit, dan is het een rustige duurrit, wat je hartslagmeter ook zegt. Accepteer dat de snelheden lager liggen en zie de winterrit als karaktertraining, niet als cijferjacht.