De analyse van Jens Voigt in de Domestique Hotseat podcast is glashelder. Voor Pogačar lijken twee van de vijf monumenten buiten bereik, zolang een zekere Nederlander aan de start verschijnt. “Zoals ik het zie, is het vrijwel onmogelijk voor Tadej om Parijs-Roubaix of Milaan-Sanremo te winnen zolang Mathieu van der Poel actief is en in normale vorm verkeert,” aldus de Duitser.
Volgens Voigt zijn deze koersen simpelweg veel meer op het lijf van Van der Poel geschreven. In Roubaix lijkt Van der Poel zelfs onklopbaar de laatste jaren. In Milaan-Sanremo is zijn explosiviteit op de Poggio, gevolgd door een vlijmscherpe sprint, een wapen waar weinigen een antwoord op hebben, ook Pogačar niet.
Hetzelfde probleem voor Van der Poel
Tegelijkertijd ziet Voigt een vergelijkbaar scenario voor Van der Poel in de heuvelklassiekers. De jacht van de Nederlander op Luik-Bastenaken-Luik en de Ronde van Lombardije wordt ernstig bemoeilijkt door de aanwezigheid van de Sloveen. De opeenvolging van zware beklimmingen in deze wedstrijden is een speelveld waar Pogačar domineert.
“Zolang Tadej Pogačar meedoet en wil winnen, is het voor Mathieu van der Poel vrijwel onmogelijk om de twee voor hem ontbrekende monumenten te winnen, omdat ze te heuvelachtig zijn,” legt Voigt uit. "Ik hou van de clash tussen die twee in hun jacht op de eer. Jaar na jaar geven ze het beste van zichzelf en zorgen ze voor een geweldige show.”
Een kritische noot voor Evenepoel
Voigt werpt ook zijn blik op Remco Evenepoel, de man die Red Bull - BORA - hansgrohe naar een hoger niveau moet tillen. De Duitser erkent zijn klasse, maar plaatst ook een kanttekening bij diens wisselvalligheid. “Remco, wat een kampioen is hij, maar hij is ook warm of koud. Weet je, hij wint de Vuelta of hij implodeert in de leiderstrui en verliest op één dag 50 minuten.”
Daarnaast ziet Voigt dat Evenepoel nog stappen kan zetten in zijn houding in de koers. De frustratie is soms van zijn gezicht en armgebaren af te lezen als het niet naar zijn zin gaat. “Remco, je bent een atleet van wereldklasse, maar mensen rijden niet vóór jou om jou te laten winnen. Ze rijden tégen je, ze zitten in een ander team. Dat moet je je realiseren.”