Een record dat nu nog meer glans krijgt
De gouden medaille van vandaag is een bewijs van haar uitzonderlijke klasse. Maar diezelfde klasse toonde ze al eens op een heel ander terrein. In de zomer van 2022, tijdens een trainingskamp, reed Leerdam op een tijdritfiets ‘zomaar’ even een record van baanwielrenster en oud-schaatsster Laurine van Riessen uit de boeken.
Een prestatie die, met de kennis van haar Olympische suprematie, nu nog meer tot de verbeelding spreekt. Het toont aan dat de explosieve kracht die haar vandaag naar het goud stuwde, niet beperkt is tot het ijs. Diezelfde power heeft ze in haar benen als ze op de pedalen staat, een feit dat de deur opent naar een sensationele 'wat als'-vraag.
Coaches dromen van een unieke dubbelslag
De gedachte aan een wielercarrière voor Leerdam is geen loze speculatie. Haar coach, Kosta Poltavets, is er heilig van overtuigd dat ze ook op de fiets de wereldtop kan bereiken. Ook bij haar toenmalige ploeg Jumbo-Visma werd er al hardop gedroomd over een scenario dat in de sportgeschiedenis zijn weerga niet kent.
"Baanwielrennen bij de Zomerspelen en schaatsen bij de Winterspelen, zou dat op termijn niet fantastisch zijn?", klonk het destijds enthousiast vanuit haar begeleidingsteam in NRC. Nu ze het hoogst haalbare op de Winterspelen heeft bereikt, wordt die droom plotseling een stuk concreter.
Een tweede carrière op de wielerbaan?
De overstap van het ijs naar de houten piste is eerder met succes gemaakt. De explosiviteit van schaatsers is de perfecte brandstof voor de korte, intense disciplines van het baanwielrennen. Met het goud om haar nek is Jutta Leerdam niet langer alleen een talent, maar een bewezen kampioen die weet wat er nodig is om te winnen.
Stel je voor: de regerend Olympisch schaatskampioen die zich met dezelfde focus en winnaarsmentaliteit op de fiets stort. De concurrentie is gewaarschuwd.
Ambitie groter dan de angst?
Jutta Leerdam zelf heeft altijd de deur op een kier gehouden. Ze is zich bewust van haar potentieel, maar ook van de uitdagingen, zoals haar vrees voor de steile wanden van een velodroom. “Het lijkt een afgrond naar beneden,” gaf ze ooit eerlijk toe.
Maar de belangrijkste zin kwam daarna: “Misschien ooit, maar dan wil ik ook meteen aan de Olympische Spelen meedoen." Die winnaarsmentaliteit heeft haar vandaag goud gebracht. En het is precies die mentaliteit die de droom van een tweede, even glorieuze carrière op de fiets levend houdt.