Al decennialang wordt het erin gestampt: voor een zware training of een lange tocht moet de tank tot de nok toe vol met koolhydraten. Pannenkoeken, borden pasta, rijst; alles om je spierglycogeen te maximaliseren.
Maar een recent, veelbesproken onderzoek, dat bijna 600 studies analyseerde, gooit een flinke steen in de vijver. De conclusie is even schokkend als simpel: we hebben het misschien al die tijd verkeerd gedaan.
Waarom minder koolhydraten je sneller zouden maken
Volgens deze nieuwe analyse, onder leiding van wetenschapper Andrew Koutnik, is niet het gebrek aan brandstof in je spieren de beperkende factor, maar de energietoevoer naar je brein.
Een constante, hoge koolhydraatinname zou de vetverbranding zelfs onderdrukken en je glycogeenvoorraden juist sneller uitputten. Je verbrandt je brandstof dus paradoxaal genoeg sneller, niet langzamer.
De sleutel tot betere prestaties zou liggen in ‘metabolische flexibiliteit’: het vermogen van je lichaam om efficiënt te schakelen tussen vetten en koolhydraten als brandstof. Een kleine hoeveelheid koolhydraten zou al volstaan om het brein tevreden te houden, zonder het hele systeem te overspoelen en de vetverbranding lam te leggen. Kortom, het einde van het aloude koolhydraat-dogma lijkt nabij.
De tegenaanval: ‘Alsof spierglycogeen er niet toe doet’
Voordat je al je pasta de deur uit gooit, is er de onvermijdelijke tegenreactie. Experts, waaronder ex-prof en fysioloog Ulisses Nunes Abbud, noemen de revolutionaire claims misleidend.
Hij benadrukt dat het oorspronkelijke artikel geen nieuwe data presenteert, maar bestaande studies herinterpreteert om een punt te maken. Volgens hem zijn de bloedsuikerspiegel, leverglycogeen en spierglycogeen één geïntegreerd systeem. Een ‘hongerig’ brein is vaak juist het gevolg van lege spieren.
Hij wijst naar de praktijk in het profpeloton, waar met vermogensmeters en continue glucosemeters alles wordt gemonitord. Wat blijkt? De snelheden in de Tour de France stijgen en records worden verbroken, terwijl de elite meer en slimmer koolhydraten gebruikt dan ooit tevoren. Zijn conclusie is dan ook helder: het nieuwe onderzoek voegt nuance toe, maar het herschrijft niet de complete fysiologie.
De juiste brandstof kiezen voor jouw rit
Wat moet jij als fanatieke fietser nu met deze schijnbare tegenstelling? De waarheid ligt, zoals zo vaak, in het midden. Het is geen welles-nietesverhaal, maar een en-en-verhaal. Je brandstofstrategie hangt volledig af van het type inspanning dat je levert. De ‘koolhydraten-oorlog’ leidt ons naar een slimmere, meer gepersonaliseerde aanpak.
Voor een lange, rustige duurtraining in zone 2 kan het inderdaad nuttig zijn om de koolhydraatinname te beperken en zo je lichaam te trainen om efficiënter vetten te verbranden. Je verbetert hiermee die befaamde metabole flexibiliteit.
Maar staat er een intensieve training, een zware klim of een wedstrijddag op het programma? Dan zijn koolhydraten nog steeds je allerbeste vriend. Op die momenten zijn ze onmisbaar als primaire brandstof om die hoge wattages te kunnen trappen en de man met de hamer op afstand te houden.