Na de demonstratie van Tadej Pogacar in Strade Bianche zou je bijna denken dat de rest van het peloton dit voorjaar voor de tweede plaats rijdt. De Sloveen soleerde op 80 kilometer van de streep naar de overwinning op een manier die de wielerwereld met open mond achterliet. Is hij nóg beter geworden? En wat betekent dit voor het eerste Monument van het jaar, Milaan-Sanremo? Als het aan Johan Bruyneel ligt, hoeft Mathieu van der Poel de hoop nog niet op te geven.
‘Eng goed, maar is Pogacar wel beter dan normaal?’
In zijn podcast THEMOVE tempert de ervaren analist de hooggespannen verwachtingen rondom de Sloveense wereldkampioen. De cijfers en de beelden van zijn overwinning in Toscane zijn indrukwekkend, maar Bruyneel plaatst een kritische noot. “Ik denk dat hij momenteel gewoon net zo goed is als normaal”, stelt hij nuchter vast. “Maar dat is al eng genoeg.”
Toch sluit hij niet uit dat er dit jaar nog een kleine verbetering in zit. De vraag blijft of die eventuele extra procentjes genoeg zijn om het verschil te maken in een totaal andere wedstrijd als Milaan-Sanremo.
Waarom Milaan-Sanremo ‘compleet anders’ is
Waar Pogacar in Strade Bianche de ruimte kreeg om zijn ongekende solo op te zetten, is Milaan-Sanremo een heel ander tactisch steekspel. De bijna 300 kilometer lange koers wordt vaak pas in de absolute finale beslist, en juist daar ziet Bruyneel de kansen voor de concurrentie.
“De sleutel zal de zone tussen de Cipressa en de Poggio zijn, en hoe ze daarmee omgaan”, analyseert hij. Pogacar zal ongetwijfeld proberen weg te rijden, mogelijk al op de Cipressa, waar hij onlangs een recordtijd neerzette. Maar een succesvolle aanval is daar geen garantie voor de overwinning. “Milaan-Sanremo is een koers waar men weer terug bij elkaar kan komen, het is compleet anders.”
Het anti-Pogacar plan ligt al klaar
Bruyneel schetst een concreet scenario waarin Pogacar het lastig kan krijgen. “Zelfs al geraakt hij weg, dan zie ik voor me dat ze achter hem gaan organiseren”, voorspelt hij. Het is een waarschuwing aan het adres van de Sloveen: een pure krachtexplosie is niet genoeg. Het spel van wachten, gokken en samenwerken kan hem de das omdoen. De conclusie van Bruyneel is dan ook hoopgevend voor de uitdagers: “In Sanremo is het niet Mission Impossible voor zijn concurrenten.”