De ontknoping van Dwars door Vlaanderen 2026 zal nog lang nadreunen. Na een indrukwekkende aanval op de Eikenberg, op 40 kilometer van de meet, reed Wout van Aert een dijk van een finale. Eerst met twee anderen, later solo. Alles leek perfect te gaan, totdat de Italiaanse hardrijder Filippo Ganna in de laatste kilometer als een duveltje uit een doosje verscheen. Voor Van Aert een klap die hard aankwam, want de zege leek binnen handbereik.
De focus op de eigen inspanning
Van Aert koos ervoor om in de finale volledig op zijn eigen kracht te vertrouwen, een tactiek die hem bijna de overwinning opleverde. Na zijn demarrage op de Eikenberg vond hij snel aansluiting bij de kopgroep. “Ik had goede kompanen met Grégoire en Larsen, we werkten goed samen,” legt hij uit in het flashinterview. “Maar ik voelde dat het tempo terugnam, dus ik probeerde aan te vallen en zelf op zoek te gaan naar de zege.”
Die jacht op de overwinning deed hij met oogkleppen op, volledig gefocust op de finishlijn. Achteromkijken was geen optie. “Ik keek bijna nergens achterom, ik focuste op mijn eigen inspanning,” aldus Van Aert.
‘Opeens zag ik een wiel naast me’
De laatste kilometer was een ware thriller. Terwijl Van Aert alles gaf, kwam Ganna met een duizelingwekkende snelheid dichterbij. Het besef van de nederlaag kwam voor de Belg dan ook als een totale verrassing, een schok in de laatste honderden meters. “Na de laatste bocht was Ganna daar opeens,” vertelt hij.
Op de vraag wanneer hij wist dat het voorbij was, reageerde Van Aert: “Ik wist het pas toen hij me voorbij kwam, want zoals ik zei keek ik zo weinig mogelijk achterom. Opeens zag ik een wiel naast me en daar had ik niet meer van terug.”
De teleurstelling is voelbaar. “Het was beter als de finish 150 meter eerder was. Ik heb alles geprobeerd wat ik kon. Ik ging echt kapot op het einde. Als iemand mij dan nog passeert, dan is dat koers hé.”
Sterk gevoel richting de Ronde
Ondanks een nieuwe enorme dreun in Dwars door Vlaanderen kijkt Van Aert alweer vooruit. De prestatie geeft hem vertrouwen voor wat komen gaat, met de Ronde van Vlaanderen als hoofddoel. “Het was weer een sterke wedstrijd,” analyseert hij. “De finale begon vroeg, maar na de Eikenberg reed ik een goede finale denk ik.” Het is precies dat sterke gevoel waar hij zich aan vasthoudt. De vorm is er, nu de zege nog.