Het debuut van Remco Evenepoel in de Ronde van Vlaanderen is al jaren voer voor discussie. Nu het eindelijk zover is, deed de renner zelf een boekje open tijdens zijn persconferentie. Zijn woorden waren niet mals voor zijn voormalige werkgever, Soudal Quick-Step. “Het is een koers die ik al langer wilde rijden, maar dat werd in het verleden een beetje tegengehouden," onthulde hij aan de Belgische pers.
Evenepoel stelde zelfs dat hij het "zeker drie jaar op een rij" had gevraagd, maar dat hij telkens werd tegengehouden om zich op andere doelen te focussen. Een duidelijke sneer, die suggereert dat zijn klassieke ambities niet strookten met de plannen van de ploegleiding, die alles op het winnen van een grote ronde leek te zetten.
Patrick Lefevere vertelt een tegenovergesteld verhaal
De uitspraken van Remco Evenepoel staan lijnrecht tegenover die van Patrick Lefevere. Volgens de oud-teambaas van Soudal Quick-Step was het juist Evenepoel die jarenlang geen interesse toonde in Vlaanderens Mooiste. “Ik zei hem al die jaren dat hij de Ronde moest rijden, maar hij wilde dat toen niet,” aldus Lefevere, die vreemd opkeek toen hij het nieuws over Evenepoels deelname hoorde.
Lefevere suggereert dat de veranderde mening van Evenepoel te maken heeft met zijn nieuwe omgeving bij Red Bull-BORA-hansgrohe. Het laat de wielerwereld achter met een klassiek geval van ‘zijn woord tegen het mijne’. Wilde de renner niet, of mocht hij niet van zijn ploeg?
Dat de overstap naar een nieuw team deuren opent, is duidelijk. Evenepoel gaf zelf aan dat hij zijn deelname aan de Ronde heeft doorgedrukt tijdens de contractbesprekingen. De keuze was simpel: "ofwel rijd ik de Giro, ofwel de Ronde." Het werd de Ronde, een beslissing die de vrijheid en het vertrouwen van zijn nieuwe ploeg onderstreept.
Evenepoel blaakt van vertrouwen voor zijn debuut
Ondanks alle discussies is Evenepoel vooral gefocust op zondag, en aan zelfvertrouwen geen gebrek. Op de vraag of hij denkt te kunnen winnen, was het antwoord even kort als duidelijk: “Anders zou ik hier niet starten.” Hij voelt zich klaar en benadrukt dat hij gewend is om monumenten te rijden. Zijn parcourskennis heeft hij tijdens de coronaperiode opgekrikt: “In de lockdown van covid kwam ik 2 keer per week hier trainen.”
Toch is er ook realisme. Evenepoel erkent de status van Van der Poel, Pogacar en Van Aert. “Mathieu, Tadej en Wout hebben al genoeg bewezen dat ze hier prijs rijden of kunnen rijden. Qua capaciteiten kan ik kort tegen hen aanleunen, maar door gebrek aan ervaring zet ik me sowieso onder hen.”
Hij ziet echter wel degelijk kansen om het verschil te maken. “Ik trek me wel op aan de Amstel, al is dat een andere koers zonder kasseien. Maar er zijn genoeg plekken om het verschil te maken,” analyseert hij. Gevraagd naar de winnaar, antwoordde hij met een veelzeggende grijns: “Iemand van onze ploeg. Maar liefst win ik zelf.”