Moeder Marjeta vertelt in gesprek met Het Laatste Nieuws dat ze vooral gelukkig is als ze te horen krijgt dat Pogacar zo normaal en aardig gebleven is. Dat geld en succes de beste wielrenner van het moment niet veranderd hebben. Dat beaamt Marjeta ook.
Pogacar en Louis Vuitton? 'Niet aan hem besteed'
"Louis Vuitton en van die merken? Niet aan hem besteed. Tadej en Urška koken hun potje thuis in Monaco zelf en ze hebben daar ook geen huishoudhulp, net zomin als ik er thuis één heb. Tadej huivert bij de gedachte aan een huishoudhulp."
Ten eerste omdat thuis privé moet zijn, maar volgens Marjeta is het niet alleen daarom. "Ten tweede omdat hij huishoudelijke taken zélf kan doen. Dus ja, hij en Urška doen zelf de was, nemen zelf het stof af, doen zelf boodschappen. Zo leerde hij het ook van thuis: al onze kinderen hebben in het huishouden moéten helpen, om de waarde van werken te kennen."
Heel soms komt Pogacar nog in Slovenië, maar volgens Marjeta hooguit een keer of drie à vier per jaar. En nooit lang. "Als Tadej eens thuis is in Slovenië en we zitten met de hele familie te eten, is hij degene die om water gaat voor iedereen, is hij degene die de koffie zet. En in plaats van dan op hotel te gaan, slaapt hij thuis in zijn oude kamertje. Er is niks wat mij als moeder gelukkiger maakt."
Pogacar wil financieel helpen, maar: 'We hebben geen behoefte aan een nieuw huis'
Pogacar staat ook bekend om zijn vrijgevigheid. Zo gaan zijn persoonlijke merk- en merchandise-inkomsten naar zijn foundation. Ook zijn ouders wil hij regelmatig iets geven. "Hij zegt altijd dat als we geld nodig hebben, of iets anders, we hem dat moeten zeggen en dat hij dan zal helpen. Maar dat is niet aan de orde, want Mirko en ik hebben voldoende inkomsten om rustig en vredevol te leven. Wij hebben geen behoefte aan een nieuw huis."
Toch kwam er afgelopen nieuwjaar een mooi cadeau voor zijn moeder. "Hij schonk me het schitterendste cadeau dat hij me ooit gaf: een horloge van Breitling. Voor moederkesdag op 25 maart gaf hij me witte en gele margrieten als plantjes. Het is te zeggen: hij had zijn jonge zusje in ons dorp naar de bloemist gestuurd, al facetimend zélf de plantjes uitgekozen en haar die bloemen in zijn naam laten geven aan mij. Ik was er dolgelukkig mee."