Wielerfans zagen hoe Mathieu van der Poel op de laatste beklimming van de Oude Kwaremont moest passen, maar het fundament voor die breuk werd al veel eerder gelegd. Tom Dumoulin wijst in de studio van de NOS naar de tweede passage op diezelfde Kwaremont.
De extra inspanning van Van der Poel
“Toen Pogacar aanging, zat Van der Poel vast achter Gianni Vermeersch,” legt Dumoulin uit. “Die liet een gat, waardoor Mathieu er niet langs kon. Hij moest inhouden en moest vervolgens een enorme inspanning doen.”
Achteraf bleek die voorlaatste beklimming van de Oude Kwaremont de snelste beklimming van de dag. “Als je dan nog eens een keer drie, vier of vijf seconden moet dichtrijden... Dat is zo'n extra inspanning die je moet leveren terwijl het al volle bak gaat,” aldus Dumoulin. “Dat kost hem misschien net weer even dat kleine beetje aansluiting dat hij mistte in de finale.”
Dumoulin hoopte nog op een zinderend duel
Ondanks die onnodige krachtsinspanning leek Van der Poel zich te herpakken. De twee tenoren reden samen over de Koppenberg en Taaienberg, en zelfs Dumoulin was nog niet overtuigd van een Sloveense solo. Hij zag een zelfverzekerde Van der Poel en hoopte op een heroïsche strijd tot op de streep.
“Ondanks die extra inspanning, moest ik het nog zien” geeft hij toe. "Van der Poel reed met zelfverzekerde en goede benen rond. Ik had wel zin in een duel.”
De onvermijdelijke kramp en de harde conclusie
De hoop op dat duel vervloog echter snel op de laatste Oude Kwaremont. De rekening van de eerdere inspanning, gecombineerd met de moordende demarrage van Pogacar, bleek te hoog. Alsof dat nog niet genoeg was, speelde ook het lichaam van Van der Poel op, een detail dat Dumoulin scherp opmerkte.
“Hij riep even daarvoor al richting de ploegleiderswagen dat hij kramp had,” merkte Dumoulin op. Een pijnlijk signaal dat de tank leeg was. Het was het laatste puzzelstukje in de analyse van een wedstrijd die werd beslist op details, kracht en een vleugje pech.
Hoewel het moment achter Vermeersch mogelijk cruciaal was, blijft de eindconclusie van Dumoulin even simpel als pijnlijk voor de Nederlandse fans. Het was een gevecht op de absolute limiet. "Ik vermoed en denk dat Pogacar een klein maatje te groot was voor Mathieu. Hij zat er heel dichtbij, maar uiteindelijk is er één de sterkste.”