In de talkshow ‘Stamcafé Koers’ deelt Sep Vanmarcke zijn ongezouten mening over de huidige gang van zaken in het peloton. De voormalig klassiekerspecialist stoort zich aan het gebrek aan tactisch steekspel tussen de grote namen. Hij vindt dat renners te vaak meedraaien met een concurrent die overduidelijk sterker is, in plaats van het spel hard te spelen.
De kunst van het link rijden is verdwenen
Volgens Vanmarcke is het slimme, soms achterbakse koersen een essentieel onderdeel van de sport dat verloren is gegaan. “Link rijden mag ook. En dat is ook onderdeel van de koers. En dat was vroeger veel meer. En nu wordt dat nooit meer gedaan onder die toppers”, stelt hij vast. Hij ziet dat renners als Mathieu van der Poel en Wout van Aert te snel de samenwerking opzoeken, zelfs wanneer ze voelen dat een ander, zoals Pogacar, de betere is.
Vrienden worden doe je na je carrière
De ex-renner pleit voor een mentaliteitsverandering. “Je wordt vrienden achter je carrière, maar nu hoeft dat niet. Je moet nu gewoon die koers winnen. Maak ruzie, doe iets anders. Als je maar een beetje dichter bij de overwinning kan komen.”
Durven pokeren voor de winst
De vrees om een zekere podiumplaats te verliezen, speelt volgens hem een te grote rol. “Ook een podium is zo belangrijk. En als je dan voelt dat Pogacar echt veruit de betere is, dan ga je toch maar liever tweede of derde worden, dan dat je toch wat pokert en uiteindelijk terugvalt. Dat overkwam Pogacar zelf in 2022.”
De les van Pogacar
Hij herinnert aan het moment dat Tadej Pogačar zelf de dupe werd toen hij een zekere podiumplaats in de Ronde van Vlaanderen verspeelde. “Pogacar heeft op die manier ook een eerste podium verloren in de ronde waar Van der Poel won, maar waar Van Baarle op het einde terugkwam. Hij heeft zichzelf toen geflikt door te gaan gokken.”