Voor de derde keer op rij moest Wout van Aert genoegen nemen met die ondankbare vierde plek in de Ronde van Vlaanderen. Een bittere pil voor een renner van zijn kaliber, die na zeven deelnames nog altijd wacht op die ene, verlossende zege. Oud-winnaar van Parijs-Roubaix Greg Van Avermaet, die zelf de Ronde nooit op zijn naam schreef, deelt zijn ongezouten mening en trekt een pijnlijke parallel met zijn eigen carrière.
Is de droom van Van Aert voorbij?
In de HLN Wielerpodcast windt Van Avermaet er geen doekjes om: “Ik denk eerlijk gezegd dat het moeilijk zal worden om ooit nog de Ronde van Vlaanderen te winnen.” Een uitspraak die hard aankomt, maar die hij baseert op een patroon dat hij zelf maar al te goed herkent. Telkens staan kleppers als Mathieu van der Poel, Tadej Pogačar en Mads Pedersen hem in de weg.
De harde spiegel van Greg Van Avermaet
Van Avermaet legt uit dat er een moment komt waarop je als renner de realiteit moet accepteren. “Naarmate hij ouder gaat worden, zal hij dat wel beseffen. Opgeven mag je nooit doen, maar alles zal perfect moeten zijn.” Hij spreekt uit ervaring, want ook hij droomde jarenlang van de hoogste trede in Vlaanderens Mooiste, een droom die voor hem onvervuld bleef ondanks een podiumplaats in 2021.
Een kwestie van eerlijkheid
De analyse van Van Avermaet: “Op een bepaald moment voel je ook dat je niet kan winnen en dan probeer je een zo goed mogelijk resultaat te rijden.” Hij benadrukt dat je soms moet accepteren dat concurrenten simpelweg sterker zijn, hoe pijnlijk die constatering ook is.
De puzzel die niet in elkaar valt
“Maar je moet ook eerlijk zijn met jezelf. De puzzel kan niet samenvallen als je hem omhoog gooit,” zo vat Van Avermaet samen. Voor Wout van Aert betekent dit dat hij misschien zijn focus moet verleggen. Met rivalen van dit niveau is een perfecte dag niet altijd genoeg.