Achtergrond

Hoe Gianni Vermeersch met zijn 30-secondentruc uitblinkt in de klassiekers: 'Maar slimheid alleen is niet genoeg'

Gianni Vermeersch, de man die volgens kenners altijd op de juiste plek zit, laat een beetje in zijn kaarten kijken. Hij onthult een simpele, maar gouden tactiek die hem dit voorjaar al drie topklasseringen opleverde.

Leon Janssen Leestijd 2 minuten
Gianni Vermeersch
Gianni Vermeersch in actie op de Molenberg in de Ronde van Vlaanderen.

Hij wordt een ‘sluwe vos’ genoemd door Patrick Lefevere en is volgens José De Cauwer tactisch de slimste van de klas. Gianni Vermeersch (33) stapelt de ereplaatsen dit voorjaar op alsof het niets is. Vijfde in Strade Bianche, achtste in de E3 Saxo Classic en tiende in de Ronde van Vlaanderen. Maar hoe doet hij dat toch? Zitten, wringen en op het juiste moment je plek opeisen, het is een kunst. En Vermeersch is de Rembrandt van het positioneren.

De geheime 30-secondentruc van Gianni Vermeersch

Waar veel ploegen kilometers van tevoren een zenuwachtige ‘dragrace’ richting de cruciale punten starten, hanteert Vermeersch een andere, meer berekende aanpak. Hij heeft geen zin om onnodig met zijn krachten te smijten. Zijn geheim? Geduld en een perfect getimede, explosieve inspanning. "Mijn strategie is om wat verder in het peloton af te wachten en dan in laatste instantie met een inspanning van pakweg dertig seconden naar voren te komen", onthult hij in gesprek met Het Nieuwsblad.

"Ik heb ondertussen veel klassiekers gereden en kan parcoursen goed visualiseren. Op dezelfde plaatsen maakt het peloton vaak dezelfde soort beweging. Ik heb daar een goed geheugen voor", aldus Vermeersch, die zich energiezuinig door de chaos heen beweegt.

Waarom de motor van Gianni Vermeersch zwaar onderschat wordt

Toch wil de renner van Red Bull-BORA-hansgrohe af van het imago dat hij het enkel van zijn slimheid moet hebben. Geloof maar niet dat je met een beetje tactisch inzicht zomaar top tien rijdt in de zwaarste koersen ter wereld. De motor moet minstens zo goed zijn. En die van Vermeersch is dat zeker.

"Als je het met slimheid alleen moet doen, raak je in Strade Bianche niet eens over de Monte Sante Marie. Iedereen linkt de motor van een renner aan de FTP, maar die waarde is vooral relevant voor klimmers of tijdrijders. In klassiekers gaat het om inspanningen van pakweg drie of vijf minuten. Om met al veel vermoeidheid in de benen toch nog je beste waardes te halen. Op die dingen scoor ik allemaal goed."

Een miskend palmares en de blik vooruit naar Roubaix

Hoewel de resultaten dit jaar voor zich spreken, voelt het voor Vermeersch soms alsof het collectieve geheugen van de wielerpers wat kort is. Fijntjes wijst hij erop dat hij in 2021 een vergelijkbaar kunststukje uithaalde, met top-tienplaatsen in de E3, Gent-Wevelgem en de Ronde. "Ik heb dat altijd speciaal gevonden, maar de pers is dat precies snel vergeten", klinkt het.

Nu richt hij zijn vizier vol op Parijs-Roubaix. Zonder uitgesproken kopman als Remco Evenepoel krijgt hij een vrije rol. Een rol die hem op het lijf geschreven is. Twee jaar geleden werd hij al eens zesde, toen nog als ploegmaat van de winnene Mathieu van der Poel. Die prestatie wil hij maar wat graag verbeteren. "In een Roubaix zonder pech zit dat er zeker in", besluit hij vol vertrouwen.