Het decor was zijn eigen woonkamer, compleet met een kassei en een Red Bull-koelkast, maar de inspanning was er niet minder om. In een online trainingsrit met zo’n 5.500 fans, beklom Wout van Aert nogmaals de iconische hellingen van Milaan-Sanremo. Jan Bakelants voelde hem namens HLN aan de tand. De belangrijkste conclusie? Een podiumplek is mooi, maar de drang om de snelste te zijn, overschaduwt soms alles.
Teleurstelling over de Cipressa-tijd
Tijdens de virtuele beklimming van de Cipressa kwam de herinnering aan de echte race van vorige maand direct boven. Van Aert, puffend op de rollen, deelde zijn verbazing van toen. “Ik dacht dat ik hier de KOM ging pakken”, vertelde hij. “Ik reed hier zo hard omhoog en dacht echt dat ik de snelste ging zijn, maar achteraf bleek Pogacar nog sneller, ik was wel wat teleurgesteld.”
Een frisse start ondanks enkelblessure
Natuurlijk ging het ook over zijn voorjaar, dat gekenmerkt werd door een vervelende enkelblessure in aanloop naar zijn hoofddoelen. “Een voordeel kan je die blessure echter niet noemen natuurlijk. Maar daardoor stond ik misschien mentaal wel frisser aan de start van de wedstrijden die mijn grote doelen waren.” Toch blijft de ‘wat als’-vraag knagen. “Anderzijds had ik zonder die blessure misschien betere resultaten behaald in andere wedstrijden.”
De virtuele trainingssessie was ook een moment om het te hebben over zijn enorme populariteit, iets waar hij zelf nog steeds van opkijkt. Toen Jan Bakelants een foto van zijn deelname aan ‘The Masked Singer’ toonde, kon Van Aert een lach niet onderdrukken. “Ik snap zelf niet zo goed waar die ‘mania’ vandaan komt. Misschien omdat ik meedoe aan tv-programma’s?” Over dat zangavontuur was hij duidelijk: “Ik vond dat leuk, maar toen ik het nummer nog eens moest zingen zonder dat masker, was ik toch wat gegeneerd.”
In hyperfocus naar de winst in Roubaix
Een van de meest onwerkelijke onthullingen ging over zijn overwinning in Parijs-Roubaix. Waar duizenden fans hem naar de zege schreeuwden op de Vélodrome, was Van Aert volledig in zijn eigen wereld. “Ik zat de laatste kilometers in een soort hyperfocus en hoorde en zag eigenlijk niks van mijn omgeving. Zelfs tijdens mijn viering zat ik in m’n eigen wereld. Erna voelde ik ook meteen een enorme opluchting.”
Tegen het einde van de 30 kilometer durende rit werd Van Aert nog even geconfronteerd met de realiteit van het online wielrennen. Toen hij zag dat andere deelnemers al gefinisht waren, kon hij er wel om lachen. “Ik word hier toch met de voetjes op de grond gezet. Morgen weer stevig aan de bak dus”, om er tot slot toch nog een sprintje van 1.200 watt uit te persen.