Het moment dat Tadej Pogacar en Paul Seixas op La Redoute versnelden, en Remco Evenepoel niet kon volgen, staat op ieders netvlies gebrand. Geen halve seconde kon hij wedijveren. Analist Wim Vos noemde het "best ontluisterend" en commentator José De Cauwer sprak van een "heel raar verhaal". Inmiddels lijkt ook de rest van België zich neer te leggen bij de situatie, zo herleiden we uit de analyses van verschillende experts.
Marc Sergeant: 'Explosieve benen, geen bonenstaken'
Koersprofessor Marc Sergeant noemt de prestatie van Evenepoel in Het Nieuwsblad simpelweg "raar". Hij ziet een renner met een uitstekende conditie en explosiviteit, die na een zwak moment toch weer kan terugknokken. "Maar bergop lukt het merkwaardig genoeg helemaal niet", stelt Sergeant vast. De kern van het probleem is volgens hem fysiek en onmiskenbaar.
"Je ziet het tegenwoordig zelfs aan zijn bovenbenen. Bij Evenepoel zijn dat explosieve benen, bij Seixas zijn het de bonenstaken van een echte klimmer.” Daarmee legt Sergeant de vinger op de zere plek: de bouw van Evenepoel is perfect voor het eendagswerk, maar lijkt hem te gaan hinderen in de Alpen en Pyreneeën. "Als ze bij Red Bull nog altijd denken dat ze Evenepoel tot een Tourwinnaar kunnen kneden, vraag ik mij werkelijk af hoe ze dat ooit gaan doen."
Paul Van Den Bosch: 'Dansen op een slappe koord'
Wielercoach Paul Van Den Bosch duikt in Het Nieuwsblad dieper in de fysiologie en trainingsleer. Hij benadrukt dat gewicht de "eerste primordiale factor" is om te klimmen. De logische stap zou gewichtsverlies zijn, maar daar schuilt het gevaar. "Dan ga je in de negatieve caloriebalans. Dat is dansen op een slappe koord, want gewichtsverlies gaat dan al snel gepaard met verlies aan power." In de twee maanden tot de Tour acht hij het onmogelijk om én conditie te kweken én tegelijk spiermassa te verliezen.
Nog pijnlijker is zijn observatie over de concurrentie. Hij herinnert aan de UAE Tour: "Remco zei dat hij op Jebel Hafeet dezelfde waardes trapte als enkele jaren eerder. Toen finishte hij als tweede, nu vijftiende. De concurrentie heeft progressie gemaakt die Remco niet heeft gemaakt."
Het brengt Van Den Bosch tot een genadeloos eindoordeel. "Ik vrees dat men Evenepoel te veel wil vergelijken met Pogacar. Remco is een uitzonderlijk renner, maar hij wordt afgewogen tegenover iemand die daar nog een trap boven staat. Dan mag je doen wat je wilt, je zal altijd in het stof bijten.”
Jan Bakelants: 'Het aandeel-Evenepoel stijgt niet meer'
Analist Jan Bakelants bekijkt namens HLN de situatie als een belegger en zijn conclusie is even helder als zorgwekkend. "We kunnen niet zeggen dat het aandeel-Evenepoel nog stijgt." Hij ziet dat de komst van ‘new kids on the block’ zoals Paul Seixas een schaduw werpt over de groeiverwachtingen die men van Evenepoel had. "Nu lijkt die groei wat te stagneren en wordt er openlijk getwijfeld of Evenepoel die toekomstige waardering nog zal kunnen waarmaken.”
Volgens Bakelants is het meest verontrustende niet per se het verschil met Pogacar, maar zijn positie ten opzichte van de rest. "Dat hij nu zowat het hele voorjaar op WorldTour-niveau niet langer duidelijk de tweede beste is, is alarmerend." Hij vat het probleem samen met een treffende metafoor: "Remco is als een hoogspringer die de lat elk jaar hoger ziet gaan door een tegenstander. Op den duur bots je op je fysieke limiet en kan je niet hoger springen. Dat is het probleem.”