Tom Dumoulin, Fem van Empel, Simon Yates... Mentale gezondheid van wielrenners is de laatste jaren een heet hangijzer. De sport wordt steeds veeleisender en dat kan weleens ten koste gaan van de lengte van loopbanen. Dat is wat veel renners en analisten stellen. Dumoulin hoort daar ook bij, maar hij ziet ook een verandering bij ploegen.
Dumoulin: 'Er is meer begrip voor het mentale'
In gesprek met Procycling: "Ploegen zijn op zoek naar balans. Iedereen ziet wel dat er tegenwoordig meer wordt gevraagd van de renners. Tegenwoordig zitten ze in plastic pakken op de rollers om hittetraining te doen, zijn ze nog veel meer van huis dan vroeger en wegen ze allemaal hun eten af."
"De ploegleiders en trainers snappen dat er veel meer van de renners wordt verlangd, maar ze weten ook: het is nodig om het beste uit jezelf te kunnen halen. Daar valt niet aan te ontkomen. Toch is er steeds meer begrip, want is een renner niet in balans, dan rijdt hij of zij ook niet goed."
Dumoulin: 'Die 5 procent extra doen is nodig'
Dumoulin weet er alles van, want hij zette uiteindelijk vroeg een punt achter zijn loopbaan. "De basis van je prestatie is voor 95 procent goed trainen, eten en rusten. Die laatste 5 procent is net dat beetje extra doen. Dat heb je nodig, want op 95 procent win je geen wedstrijd. Maar die laatste 5 procent – het eten op de gram nauwkeurig afwegen, hittetraining, toch dat dagje langer op hoogtestage – is de afgelopen jaren zo belangrijk gemaakt."
"Daarbij werd die eerste 95 procent te veel vergeten waardoor sommige renners helemaal niet meer presteerden. Eerst moet die grote bouwsteen goed zijn. Daarna kun je kijken waar die laatste 5 procent gewonnen kan worden."
Die balans hebben meer ploegen momenteel op orde dan pakweg twee of drie jaar geleden, stelt Dumoulin. "Ik heb het idee dat die grote bouwsteen nu bij veel teams weer belangrijk wordt gemaakt. Dat is een goede ontwikkeling, want als renner moet je het gevoel hebben dat je vrij en in balans bent om te kunnen presteren."