Zelf in het zadel

Een rode nek is pas het begin: déze 5 vergeten smeerplekken zijn de echte verrassing na je fietsrit

Die pijnlijke rode streep in je nek is de meest bekende wielrennerskwaal. Maar het echte gevaar schuilt op plekken waar je het totaal niet verwacht, die pas uren na je rit de kop opsteken.

André van den Ende Leestijd 2 minuten
wielrennen
Fietsen
Een wielrenner, na het fietsten in zijn badkamer, wringt zijn gezicht in een pijnlijk wince omdat hij in de spiegel ontdekt dat hij een rode, verbrande streep in zijn nek heeft, als illustratie van een pijnlijke ontdekking van een vergeten zonnebrandplek

De routine is bekend: voor de rit worden de armen, benen en het gezicht trouw ingesmeerd. Je voelt je onoverwinnelijk, klaar om de zon te trotseren. Toch is er na bijna elke lange fietstocht die pijnlijke confrontatie met de spiegel. Een rode plek op een locatie waar je totaal niet aan had gedacht. Het zijn precies deze vergeten plekken die het verschil maken tussen een geslaagde rit en een week vol ongemak.

1. De verraderlijke knieholtes

Tijdens het insmeren krijgen de bovenbenen en kuiten alle aandacht. Maar de achterkant van je knie, die urenlang gebogen en vol in de zon zit, wordt stelselmatig overgeslagen. De huid is hier dun en gevoelig, wat een verbranding extra pijnlijk maakt. Het is de klassieke fout die je pas voelt als je ’s avonds de trap oploopt.

2. De bovenkant van de oren

Je helm beschermt je hoofd, je zonnebril je ogen, maar je oren bungelen er vaak onbeschermd bij. Vooral de bovenste randjes vangen urenlang direct zonlicht. Het is een kleine moeite om ze mee te nemen tijdens het insmeren, maar het wordt massaal vergeten. Het resultaat: gevoelige, rode en vervellende oren een dag later.

3. De kwetsbare 'helm-gaten'

Voor de fietsers met een uitdunnende haardos of een gemillimeterd kapsel is dit een harde les. De ventilatiegaten in je helm bieden verkoeling, maar functioneren ook als mini-vergrootglazen voor de zon. Thuiskomen met een pijnlijk stippen- of strepenpatroon op je hoofd is geen pretje. Een dun petje onder je helm of het insmeren van de hoofdhuid is de enige oplossing.

4. De randjes bij je kleding

Je smeert je benen in tot de rand van je broek en je armen tot de rand van je mouw. Perfect, zou je denken. Maar tijdens een lange rit kruipt kleding altijd een beetje omhoog. Hierdoor wordt een klein, maagdelijk wit strookje huid blootgesteld aan de volle zon. Een messcherpe, rode lijn net boven je knie of op je bovenarm is het pijnlijke bewijs.

5. De bovenkant van je handen

Je armen zijn ingesmeerd, je draagt handschoentjes, dus je bent klaar. Fout. De bovenkant van je handen, precies op het stuk dat niet bedekt is door je handschoenen, ligt urenlang plat op het stuur, vol in de zon.

Het is een van de meest blootgestelde plekken en de nummer één locatie voor zonneschade bij oudere fietsers. Een kleine klodder zonnebrand hier kan een wereld van verschil maken. En als je geen handschoentjes draagt: uiteraard ook je handen!