Zelf in het zadel

Waarom je ook op de vlakke polderweg naar je binnenblad moet schakelen (en je fietsmaatjes het fout hebben)

Rijd jij uit pure trots elke training op het grote buitenblad, zelfs met stevige tegenwind? Ontdek waarom deze 'macho' gewoonte je aandrijflijn sloopt en hoe je met één tikje naar je kleine blad gratis snelheid en souplesse wint.

André van den Ende
2 minuten
wielrennen
Fietsen
Derailleur
Close-up van de aandrijflijn van een racefiets in een schuine 'cross-chain' positie: de ketting ligt op het grootste voorblad en het grootste achtertandwiel.

Het is misschien wel de hardnekkigste, ongeschreven (en meest onzinnige) regel in de wielercultuur: in Nederland of Vlaanderen, tenzij je een dijk of een viaduct op fietst, blijf je op het 'buitenblad' (het grote voorblad) rijden. Naar het 'binnenblad' (het kleine blad) schakelen is voor veel wielrenners een absolute no-go op het vlakke.

Het voelt als een teken van zwakte, een overgave aan de elementen. Je ziet ze zwoegen, met een tergend lage trapfrequentie tegen de wind in, terwijl de ketting achteraan steeds verder omhoog klimt op de cassette, op zoek naar een lichtere versnelling.

Dit koppige weigeren om de voorderailleur te gebruiken leidt direct tot de meest destructieve fout die je als fietser kunt maken: cross-chaining, oftewel het rijden met een extreem schuine ketting. Je verwoest hiermee ongemerkt je dure materiaal en levert onnodig veel energie in.

De fatale gevolgen van de 'Groot-Groot' combinatie

Wanneer je met stevige tegenwind rijdt en weigert naar je kleine voorblad te schakelen, dwing je jezelf om achteraan steevast de grootste tandwielen op te zoeken. Je belandt in de beruchte 'Groot-Groot' combinatie.

Hier gaat het faliekant mis met de biomechanica van je fiets. Je trekt de ketting vanuit de uiterste rechterkant (voor) extreem diagonaal naar de uiterste linkerkant (achter). Deze schuine stand zorgt direct voor wrijving.

Je hoort het vaak al: een continu "tjing, tjing, tjing" omdat de ketting schuurt tegen de kooi van de derailleur, of een knarsend geluid omdat de kettingschakels niet recht op de tanden van de cassette vallen, maar er schuin op 'wringen'.

Deze diagonale wrijving kost je direct Watts. Je bent letterlijk harder aan het werk dan nodig is. Maar erger nog is de extreme slijtage. De stalen en carbon onderdelen slijpen elkaar in hoog tempo weg. Door structureel 'schuin te schakelen' verkort je de levensduur van je peperdure cassette en kettingbladen met duizenden kilometers. Alleen maar omdat je te trots bent om het binnenblad te gebruiken.

Doorbeek het taboe: schakel op tijd naar klein

Je moderne racefiets is niet voor niets uitgerust met een voorderailleur. Het doel van de aandrijflijn is om de ketting altijd in een zo recht mogelijke, frictieloze lijn te laten lopen.

De regel voor een efficiënte rit is simpel, ongeacht of je in de Alpen of in de Hollandse polder rijdt: vermijd de uitersten van je cassette. Zit je op het grote blad voor, en merk je door tegenwind of vermoeidheid dat je achter naar de laatste twee of drie grootste (lichtste) tandwielen bent geschakeld? Dat is je absolute 'red flag'.

Op dat moment is het tijd om het machogedrag te laten varen. Schakel voor terug naar het kleine binnenblad, en schakel tegelijkertijd achter twee of drie tandjes zwaarder. Je hebt nu een versnelling gevonden die precies even zwaar trapt als je oude 'Groot-Groot' combinatie, maar het cruciale verschil is dat je ketting nu weer kaarsrecht in het midden van de cassette ligt.

Het geratel verdwijnt direct, je aandrijflijn draait boterzacht en frictieloos, en je redt de levensduur van je dure componenten. Laat je fietsmaatjes maar stoer harken op dat buitenblad in de tegenwind; degene die zijn voorderailleur slim gebruikt, fietst lichter, stiller en bespaart honderden euro's op de lange termijn.