De twaalfde etappe van de Giro d'Italia kende een interessant tussenstuk. De grote vraag was of Jonathan Milan, Paul Magnier en Dylan Groenewegen de twee bergjes zouden overleven? En of er een ploeg was die het heft in handen durfde te nemen. Die vraag kwam toen de eerste van twee bergen werd aangevat.
Movistar maakt de etappe
Het Movistar van Orluis Aular besloot wederom te gaan controleren. De Spaanse ploeg zette Einer Rubio, Enric Mas en Lorenzo Milesi op kop en Groenewegen moest de rol al snel lossen. Magnier en zeker Milan hielden langer vol, maar ook zij konden het peloton uiteindelijk niet volgen. Samen met Casper van Uden kwamen zij op een minuut boven van de groep met favorieten, waardoor er nog hoop was dat ze het zouden redden.
Ondertussen had Movistar echter hulp gekregen van het Team NSN van Ethan Vernon en het EF Education-EasyPost van Madis Mihkels. Hun help deden Milan en Magnier de das om, waardoor het een verrassende finale zou gaan worden met snelle mannen die nog nooit een etappe wisten te winnen in een grote ronde. Of zou Jhonatan Narváez wederom toeslaan?
Eulálio pakt 6 seconden
Op ruim tien kilometer van de meet lag de Red Bull-kilometer, waar zes, vier en twee seconden te verdienen waren. Die lagen voor het oprapen voor de klassementsrenners, maar Jonas Vingegaard, Felix Gall en Thymen Arensman besloten zich er niet meer te bemoeien. Dat was vrij gek, want daardoor reden leider Afonso Eulálio (6 seconden) en Ben O'Connor (4 seconden) op een goedkope manier naar extra seconden in het klassement.
In de finale ging het nog af en toe glooiend en de finish liep ook enigszins omhoog. Het was nota bene Giulio Ciccone die op een klein heuveltje aanviel. Hij werd gevolgd door Igor Arrieta. Het was echter Markel Beloki - de nummer tien in het algemeen klassement - die het gat dichtte op het tweetal.
Daarna nam Team Visma | Lease a Bike het commando. Daardoor lagen er kansen voor uitvallers. Dat wist ook Segaert, die op drie kilometer van de meet aanviel. Meteen werd duidelijk dat Campenaerts niet per se het gat wilde dichten. De sprintersploegen wachtten vervolgens vrij lang en kwamen uiteindelijk te laat.