De FTP zegt hoeveel vermogen een wielrenner ongeveer een uur lang kan volhouden. De 425 watt van Remco Evenepoel is uitzonderlijk hoog, want de voormalige-wereldkampioen heeft immers ook nog een laag gewicht. Het zou volgens Het Nieuwsblad neerkomen op een W/kg van 6,54. Daarmee moet hij in staat zijn om de allerbesten ter wereld in elk geval te naderen.
Naesen plaatst kanttekening bij cijfers Evenepoel
Toch plaatst data-expert Benji Naesen een kanttekening bij die cijfers. "Op papier is die 425W een heel hoge waarde: het vertelt dat de beste Remco Evenepoel in staat is om mee te spelen voor een podium in de Tour, zoals we ook in 2024 al zagen. Maar we moeten altijd voorzichtig zijn als we over data praten."
Iemand als Jonas Vingegaard is bijvoorbeeld heel goed in zijn vermogen vast te houden onder uitdagende omstandigheden, zoals hoogte en warmte. Naesen: "In de praktijk spelen er namelijk nog heel wat andere factoren een rol: warmte, vermoeidheid, tactiek, kwaaltjes... De realiteit is dat Evenepoel de laatste anderhalf jaar geen enkele topprestatie bergop meer heeft geleverd."
Evenepoel nog flink onder FTP Pogacar
Dat hij zo in de machinekamer laat kijken, is volgens Naesen geen probleem. De meeste ploegen weten immers dondersgoed hoe hard Evenepoel exact trapt. "Ik denk niet dat het veel verschil zal maken. Ten eerste omdat de waardes in wedstrijd vaak anders zijn dan in training en ten tweede omdat ploegen tegenwoordig al zo goed als alles weten over hun concurrenten."
"Op basis van klimtijden en koersbeelden kan je veel reconstrueren. Wees bijvoorbeeld maar zeker dat ze bij Team Visma | Lease a Bike ondertussen perfect weten tot wat een Tadej Pogacar op zijn best in staat is. De FTP van Pogacar wordt trouwens geschat op zo’n 6,7 à 6,8 W/kg, dus daar kan Evenepoel nog niet aan tippen."
Zwakke plekken concurrentie vind je niet in FTP
Om echt een beeld te scheten wat betreft Evenepoel zijn kansen in de Tour de France moet je naar andere data kijken, aldus Naesen, waaronder het vermogen na vijf uur koers. "Op basis daarvan kan je de ‘zwakke plekken’ van een renner gaan zoeken."
"Een renner als Felix Gall is bijvoorbeeld erg sterk in langere klimmen, maar veel minder op een kortere hellingen als La Redoute. Daar kan je als concurrent je tactiek aan aanpassen."