In de podcastcombinatie tussen In de Waaier en De Muur gaan Sam Oomen en Koen Bouwman hoe de dominantie van Tadej Pogacar voelt voor gewone stervelingen. De zucht waarmee Oomen zijn verhaal begint is alleszeggend. "Ik heb heel hard getraind, heel veel hittetraining gedaan ook. Ik had echt het idee dat ik in orde was."
Oomen merkt desillusie in peloton door Pogacar
Dat bleek de zondag voor de Ronde van Zwitserland tijdens de GP Gippingen, waar Oomen de finale kon rijden. "Maar in de Ronde van Zwitserland stond ik in een boksring en heb ik veel klappen gekregen. En met mij nog een hele hoop anderen. Er steekt één ploeg en met name één renner zo ver bovenuit dat je eigenlijk met je hoofd niet meer erbij kan hoeveel minder hard ik fiets. Ondanks dat ik er alles voor doe."
Desillusie is het eerste woord dat in de Brabander opkomt. "Ik hoop dat andere renners niet te veel erover nadenken, want je wordt er niet vrolijker van. Maar veel renners dachten na dag één in de Ronde van Zwitserland: wat is dit? In onze groep zeiden veel jongens tegen elkaar dat ze dit nog nooit hadden meegemaakt."
Het erge was dat Oomen eigenlijk een prima klim reed. "UAE begon eraan te rammelen en ik denk dat er een man of dertig over blijft. Ik zat er op de top tien seconden achter en in ieder ander geval denk je: dat komt goed. Niets ervan, want het was klaar. Wat wij doen valt gewoon in het niet bij wat hij doet. Er zit zo’n moeiteloosheid in. In het verleden had hij ook nog zwakke punten, maar daar is niets meer van over."
Bouwman: 'Verschil tussen amateurs en mij is even groot als tussen mij en Pogacar'
Bouwman was er niet bij in de Ronde van Zwitserland, maar herkent het gevoel. "Om een beeld te geven. Iedere club heeft een zomeravondwedstrijd. Bij mij in Doetinchem op de donderdagavond. Dan rijd ik tegen amateurs die hovernier zijn en van ’s morgens tot ’s avonds tegels hebben gelegd en bomen hebben gesjouwd. Jongens die gigantisch hard rijden, maar als ik wil rijd ik ze eraf."
"Ik kan met ze spelen. Het verschil tussen die amateurs en mij is even groot als tussen mij en Pogacar. Alleen leg ik geen tegels van zeven tot vijf… Ik doe er ook alles voor. Het is gewoon ongelooflijk."