Zelf in het zadel

‘Een op de vijf recreanten verwacht blijvende schade’: harde cijfers over valpartijen onder wielrenners

Een harde smak op het asfalt zit helaas in een klein hoekje. Uit een enorme analyse van ruim 2.500 crashes in de wielersport blijkt de impact van een valpartij achteraf vaak schrikbarend groot te zijn.

André van den Ende
2 minuten
Valpartij
verkeersveiligheid wielrenners
wielrennen
Fietsen
Mannelijke recreatieve wielrenner zit zonder helm verslagen naast zijn racefiets na een valpartij op het asfalt.

Iedere fietser kent wel dat beangstigende geluid van schuivend carbon en schrapend metaal op de weg. Voor je het weet lig je op de grond en inspecteer je de schade aan je lichaam en je geliefde racefiets.

VeiligheidNL, de KNWU en wielersportbond NTFU sloegen de handen ineen om precies in kaart te brengen hoe deze ongelukken op de fiets ontstaan. Ze verzamelden uitgebreide data van bijna 2.300 fietsers over meer dan 2.500 ongevallen. De uitkomsten hiervan schetsen een confronterend beeld van de gevaren op de weg.

Gevarenzone voor wielersporters ligt in het hart van de groep

De resultaten bevestigen een vermoeden dat veel fietsers stiekem al hebben. Het rijden in grote groepen brengt simpelweg de meeste risico's met zich mee. Bij de ondervraagde wedstrijdrenners vond maar liefst twee derde van de ongelukken plaats in de buik van het peloton. De marges zijn daar natuurlijk minimaal en de snelheid ligt enorm hoog.

Voor de sportieve toerfietsers geldt een vergelijkbare dynamiek. Een groot deel van de klappers gebeurt wanneer ze in een groep van drie of meer personen rijden. Ga je in je eentje op pad voor een rustige duurtraining, dan blijk je statistisch gezien een stuk veiliger te zijn. Slechts een heel klein percentage van de crashes gebeurt tijdens een solorit.

Ongevallen op de racefiets leggen psychologisch verschil bloot

Misschien wel de meest in het oog springende conclusie uit de verzamelde data is de manier waarop we naar de oorzaak van een val kijken. Daar komt ineens een fiks verschil in ego en zelfreflectie om de hoek kijken. De wedstrijdrenner wijst na een valpartij opvallend vaak naar een ander. Volgens hen speelt een stuurfout of plotselinge remactie van een medecoureur de belangrijkste rol bij het ontstaan van de chaos.

De recreatieve sportfietser trekt het boetekleed juist veel sneller aan. Deze groep zoekt de oorzaak overwegend bij zichzelf. Ze geven na een ongeluk ruiterlijk toe dat een moment van onoplettendheid, een eigen inschattingsfout of simpelweg zelfoverschatting de reden was voor de onvrijwillige ontmoeting met de grond.

Langdurige gevolgen van een fietsongeluk raken dagelijks leven

Hoewel vrijwel alle slachtoffers braaf een helm droegen, liegen de fysieke gevolgen van een crash er niet om. Bij ongeveer een op de vijf ongevallen liep de fietser letsel op aan het hoofd of het gezicht. In een aanzienlijk deel van die gevallen ging het zelfs om een hersenschudding.

De nasleep stopt vaak niet bij een paar dagen rust houden of wachten tot de schaafwonden zijn geheeld. Het rapport stelt dat twintig procent van de sportieve fietsers verwacht blijvende klachten over te houden. Dit soort aanhoudende fysieke of mentale schade beperkt zich niet tot de wekelijkse ritjes op zondagochtend. Het grijpt ook stevig in op werk, studie en het normale dagelijkse leven.

Bewustwording over veiligheid op de racefiets cruciaal

Deze schat aan nieuwe informatie dient als nulmeting voor de betrokken organisaties in de wielerwereld. De bonden gaan de data de komende tijd verder uitpluizen om met concrete actiepunten te komen. Denk aan specifieke trainingen om de stuurvaardigheid in groepen te verbeteren of extra aandacht voor gevaarlijke punten op vaste parcoursen.

Tot die tijd is de boodschap heel simpel. Zo pak jij dat bij je volgende groepsrit aan: hou je handen dicht bij de remmen en blijf altijd scherp. Want hoe goed je ook kunt sturen, een ongeluk op de racefiets wil je te allen tijde voorkomen.