Materiaal

Waarom je een tubeless band nooit mag oppompen met het ventiel aan de onderkant

Je rolt je wiel handig zo dat het ventiel onderaan staat, sluit de fietspomp aan en probeert de band op spanning te brengen. Een klassieke fout, want door deze positie heb je zojuist je ventiel met vloeibare latex gecementeerd.

André van den Ende
2 minuten
tubeless
banden
fietsbanden
wielrennen
Fietsen
Een fietser zonder helm probeert gefrustreerd zijn tubeless band op te pompen met het ventiel aan de onderkant van het wiel.

Het is een automatische handeling voor vrijwel iedereen die een fietsband oppompt. Je pakt de zware vloerpomp uit de hoek van de schuur, rolt het wiel van je racefiets een stukje naar voren totdat het ventiel zich op het allerlaagste punt bevindt en klikt de pompkop erop.

In het tijdperk van de klassieke binnenbanden was dit de meest logische en praktische werkwijze. Sinds we, vooral bij gravelbikes, massaal zijn overgestapt op tubeless banden met vloeibare latex, is deze 'zes uur'-positie van het ventiel echter veranderd in een mechanische sluipmoordenaar. Het zorgt er namelijk voor dat je ventielen onherroepelijk verstopt raken, waarna je de band met geen mogelijkheid meer op druk krijgt.

De zwaartekracht van de vloeibare latex

Om te begrijpen waarom je fietspomp plotseling weigert dienst te doen, moeten we in de binnenkant van je buitenband kijken. In een tubeless setup klotst er zestig tot tachtig milliliter vloeibare latex (sealant) rond om eventuele gaatjes direct te dichten.

Vloeistoffen zijn onderhevig aan de zwaartekracht. Zodra jij je racefiets in de schuur parkeert en het wiel stilstaat, stroomt al deze vloeibare latex in een paar seconden naar het absolute dieptepunt van je band. Rol jij je ventiel precies naar die onderkant toe om te gaan pompen, dan dompel je de interne opening van je fietsventiel letterlijk onder in een lokaal stuwmeer van vloeibare latex.

Hoe de smalle ventielkern direct dichtslibt

Wanneer je de pompkop vervolgens op het ventiel drukt of het ventielmoertje indrukt om een beetje lucht te laten ontsnappen, ontstaat er een dodelijke luchtstroom. De lucht die door het ventiel stroomt, neemt de omringende vloeibare latex direct mee de extreem smalle ventielkern in.

De latex doet op dat moment precies waar het voor gemaakt is: het reageert op de luchtstroom, droogt binnen een paar seconden op en hardt uit tot een massief stukje rubber. Je hebt op dat moment je eigen ventielkern op microscopisch niveau volledig dichtgemetseld, waardoor er geen enkele liter zuurstof meer naar binnen of buiten kan.

De gouden twaalf uur regel voor de fietspomp

Het voorkomen van deze verstopte ventielen is gelukkig een kwestie van een piepkleine gedragsverandering in de schuur. Maak er een ijzeren wet van om je wielen altijd zo te draaien dat het ventiel zich aan de absolute bovenkant bevindt, in de 'twaalf uur' positie, of desnossen schuin op de 'tien uur' of 'twee uur' positie.

Op deze manier bevindt al de vloeibare latex zich veilig beneden op de grond, ver uit de buurt van het ventielgat. De lucht heeft bij het oppompen nu vrij spel en de tere, messing mechanismen van je ventielkern blijven brandschoon en honderd procent luchtdicht.

Een geblokkeerde ventielkern spotgoedkoop herstellen

Mocht je de fout in het verleden toch al hebben gemaakt en sta je nu te worstelen met een fietspomp waarvan de meter direct naar de acht bar uitslaat terwijl de band zacht blijft? Gooi dan niet direct het complete, dure tubeless ventiel in de prullenbak.

Tubeless ventielen zijn voorzien van een verwijderbare kern. Voor een paar euro koop je bij de fietsenmaker of online een handvol nieuwe ventielkernen en een klein, plastic sleuteltje (een valve core tool). Je draait het dichtgeslibde topje er eenvoudig uit, schroeft de nieuwe, glimmende kern erin en je kunt direct weer probleemloos en geruisloos je banden op druk brengen.