De eerste etappe van de Tour de France Femmes had de finish liggen op een klimmetje. De grote vraag was of Lorena Wiebes deze finale kon overleven? Het zou een dubbeltje op z'n kant worden, want de 2,6 kilometer aan 4,6 procent, met ook een stuk zwaardere passages, was zeker geen sinecure.
Maud Rijnbeek in kopgroep
In de kopgroep zat onder andere de Nederlandse Maud Rijnbeek, die op een bepaald moment moest lossen. De Tsjechische Nikola Noskova kwam naar voren als beste renster uit de kopgroep. Toen zij het verschil maakte, was de ervaren Amanda Spratt in de tegenaanval gegaan. De 38-jarige Australische behoorde ooit tot de wereldtop, maar dat is niet meer het geval.
In aanloop naar de finale raakte een schaduwfavoriet voor eindwinst achterop. Marlen Reusser was namelijk betrokken bij een valpartij en moest teruggebracht worden door een teamgenote. Ondertussen had Noskova lange tijd een mooie voorsprong, maar op zo'n 25 kilometer van de meet versnelde het peloton. Ze hielden het vooraan - inmiddels met ook Rijnbeek, Spratt en Eraso - nog lang vol, maar toch ging er snel van hun voorgift af.
Wiebes maakt het af
De kopgroep van vier werd uiteindelijk met nog zo'n zes kilometer voor de boeg. Het was een gevaarlijke voorfinale, maar gelukkig ging het allemaal goed. Het was Shari Bossuyt die als eerste het klimmetje opreed, in dienst van Kimberley Le Court. Wie zou als eerste gaan aanvallen? In het begin niemand, maar AG Insurance maakte het zo hard mogelijk voor Le Court.
De Afrikaanse viel op anderhalve kilometer van de meet aan, op het steilste stuk. Toen ze niet wegkwam, viel het stil. Het werd zodoende een vrij passieve finale. Ideaal voor Lorena Wiebes, die nog wel even op de tanden moest bijten toen Demi Vollering nog een actie ondernam. Dat lukte haar met verve, waarna ze de sprint met gemak afmaakte.