Wij wielrenners maken van alles mee onderweg: van verrassende bezienswaardigheden tot hachelijke verkeerssituaties en bijzondere ontmoetingen. In de rubriek 'Asfalt-safari' nemen we je mee in de avonturen van onze redactieleden, met deze week een rit die de gevaren van loslopende honden blootlegde.
De omstandigheden waren perfect. Een zomerdag die net wat minder heet was. Ideaal voor een ritje. En ideaal voor veel mensen om er op uit te trekken met hun hond, zo bleek. Groot gelijk, maar dan graag aangelijnd. Die middag kwam ik namelijk tot twee keer toe een loslopende hond tegen. Mijn grootste angst op de fiets. Niet omdat het ooit misging bij mijzelf, maar omdat het geregeld misgaat op televisie. De onberekenbaarheid van die beesten is pure horror voor een (amateur)wielrenner.
De irritatie voorbij de fiets
Mijn frustratie beperkt zich niet tot de fiets. Als baasje van een eigen viervoetertje erger ik me kapot aan mede-eigenaren die hun hond los laten paraderen. Het baasje kijkt er vaak bij als een trotse pauw, met een blik van ‘zie mij mijn dier onder controle hebben’. Ondertussen vertrouw ik hun potentiële gehaktmolens voor geen meter. Op de fiets is die ergernis een factor tien erger.
Gelukkig bewees de eerste ontmoeting dat het anders kan. Op een lange dijk liep een man met zijn zwarte labrador los in de berm. Toen ik naderde, had het baasje mij direct in de gaten. Hij riep zijn hond, die onmiddellijk gehoorzaamde en strak naast hem bleef lopen. Ik stak mijn hand op, hij knikte vriendelijk terug. Zo kan het dus ook. Het gaf de burger moed, maar die werd al snel weer de grond in geboord.
De wereld op z'n kop
Bij de tweede hond, een prachtige golden retriever, ging het totaal anders. Het baasje was een hippe mevrouw in sportlegging met hoge witte sokken, maar het meest opvallende accessoire waren haar oortjes. Dan ben je niet goed wijs. Als je je hond los laat, heb je met ogen open en oren gespitst voort te bewegen. Bellen dan maar. Geen reactie. Nog een keer. Een korte omkijk, maar meer niet. De hond, vijf meter voor haar, werd niet teruggeroepen. Ik minderde noodgedwongen vaart.
Pas toen ik langszij reed, drong mijn aanwezigheid tot haar door. "Belle, pas op!" riep ze. Het dier schrok van haar plotselinge kreet en sprong opzij. Gelukkig de graskant in, en niet verder de weg op. Terwijl ik de hond passeerde, hoorde ik de dame luid zuchten. "Pff." De boodschap was duidelijk: ik was het probleem.