Rit elf van de Tour, van Albertville naar La Toussuire/Les Sybelles, over 148 kilometer. Dit is een hele pittige Alpenetappe. Niet bijzonder lang, maar er worden wel vier stevige cols opgediend. De eerste hindernis van de dag is de beroemde Col de la Madeleine (buitencategorie), waarvan de top na veertig kilometer bereikt wordt. Dan is het afdalen naar Saint-Etienne-de-Cuinnes waar de streep voor de tussensprint is getrokken. Direct nadat de punten voor groen verdeeld zijn gaat het weer omhoog, de Croix-de-Fer op. Net als de Madeleine een col van de zwaarste categorie, de top ligt op 55 kilometer van de aankomst. Berg nummer drie dan, een 'makkie' vergeleken bij de voorgaande twee. De Col du Mollard is van de tweede categorie, met de top op 35 kilometer. De finale wordt gevormd door La Toussiere, dat van ASO het stempel eerste categorie heeft meegekregen. De rit eindigt bovenop deze col van 1705 meter hoogte. Vanaf de voet naar boven is het achttien kilometer klimmen, tegen 6,1 procent gemiddeld. Dit is een dag die wel eens grote invloed kan hebben op de uiteindelijke einduitslag, een rit die je misschien wel kunt bestempelen als de koninginnenrit. Slagen de pure klimmers er in tijd terug te pakken, die ze in de rit tegen de klok hebben laten liggen?