Onepass Reportage

VAM-berg: Wielerwalhalla tegen alle verwachtingen in

Habemus Col du Vam! Een dikke week geleden klonken de glazen op Nederlands’ nieuwste wieleromgeving; ook in Drenthe kan er nu eindelijk serieus met de fiets worden geklommen. De grote vraag luidt: is de VAM-berg de moeite waard?

Door: Tim de Vries Fotografie: Cor Vos, Provincie Drenthe
VAM-berg

De diverse ijstijden waar onze voorvaderen mee te maken hadden hebben ook in Nederland zeker hun sporen nagelaten. Diverse stuwwallen hebben heel wat interessante glooiingen in het landschap gecreëerd. En lang niet alleen in Limburg. Zo hadden we hellingen als de Posbank en de Grebbeberg niet gekend zonder die goede oude ijstijd. Maar zodra je van beneden de rivieren de Veluwe hebt doorkruist blijft er maar weinig te klimmen over.  Veel beter dan de Sallandse Heuvelrug wordt het niet. Voor de rest moet het noorden van Nederland het doen met bruggen, viaducten en vooral veel tochten naar het zuiden. 

Zelf woon ik op de grens met Overijssel en Drenthe, op één van de stuwwallen die het pleistoceen ons heeft nagelaten. Hoewel ik en diverse andere enthousiaste fietsers uit de buurt graag met onze hellingen dwepen past ons enkel bescheidenheid: veel meer dan een meter of 25 boven N.A.P. wordt het immers niet. En toch, terwijl we de uit de kluiten gewassen verkeersdrempels bedwingen wanen ook wij laaglanders ons graag Pantani die op Oropa op jacht is naar zijn concurrenten. Zo gaan die zaken nu eenmaal.

Wie weleens met de trein van Hoogeveen naar Beilen is gereisd of toevallig verdwaalde in het Drentse land weet dat het noorden van Nederland wel degelijk over een aardige helling beschikt. In het midden van een biljartlaken in het midden van Drenthe heeft zich de afgelopen eeuw namelijk een puist in het landschap gevormd. Maar anders dan bij de meeste bergen is de VAM-berg niet het resultaat van schuivende tektonische platen of vulkanisme. Nee, de 'VAM' dankt haar bestaan aan afval.

Veel afval.

Het is namelijk te danken aan de ‘Vuil Afvoer Maatschappij’ dat er in de vorige eeuw een heuvel ontstaat even buiten Wijster. Den Haag moest haar huisvuil ergens kwijt, en dus besloten ze het per trein naar Drenthe te sturen. De spoorlijn kreeg een vertakking, er werd een kanaal afgegraven om de eindproducten te kunen afvoeren en het grote storten kon beginnen. In negentig jaar veranderde de vlakte in een berg. Over een paar jaar bereikt de afvalhoop die wij kennen als de VAM-berg de vooraf gestelde maximaal toegestane hoogte, 63 meter boven N.A.P.

De helling staat volgens enkele toerfietsers, die net als ik en diverse wielerformaties uit de buurt onderdeel uitmaakten van het peloton dat de fietspaden op VAM-berg plechtig opende, symbool voor de manier waarop de nodige Randstedelingen nog altijd tegen de provincie aankijken: met enig dedain. "Drenthe is een mooie plek om je vuilnis te dumpen, maar verder..?"

Het internationale vrouwenpeloton slingert zich een weg omhoog naar het hoogste punt van de provincie Drenthe.

Van een minderwaardigheidscomplex lijkt bij de aanwezigen op de doorgaans winderige van de 'Vamtoux' echter geen sprake. Integendeel: trots en blijdschap overheerst. Iedereen die ik spreek glundert. Tijdens de opening bestaat meest gehoorde zin op het fietsparkoers bestaat uit slechts twee woorden: "Mooi hè?" Deze zin wordt meestal gevolgd door een welgemeend bevestigend knikje van de gesprekspartner. En daar is alle reden toe.

"Nog frustrerender dan de afwezigheid van hellingen in je vaste trainingsrondje hebben is één heuvel in de buurt hebben die niet beklommen mag worden"

Een citaat uit De Renner van Tim Krabbé: "Als je een alpinist vraagt waarom hij een berg beklimt, antwoordt hij: omdat die berg er is." Zodra een fietser ergens ter wereld een weg omhoog ziet wil hij of zij doorgaans maar één ding. Omhoog. En wel daar. In gedachten ziet de fietser zichzelf al en danseuse de zwaartekracht temmen.

Maar helaas, hoe graag de dromers het ook wilden, op de VAM-berg mocht in het verleden juist niet met de fiets worden gereden. Enkel met zeer uitzonderlijke toestemming van vuilnisgigant of tijdens de Ronde van Drenthe gingen de laatste pakweg twintig à vijfentwintig jaar de hekken van het terrein open en mochten fietsers legaal over de Wijsterse pukkel knallen. De rest van het jaar? Verboden toegang!

Nog frustrerender dan de afwezigheid van hellingen in je vaste trainingsrondje hebben is één heuvel in de buurt hebben die niet beklommen mag worden. Met de opening van het fietstracé gaat een langgekoesterde wens van veel wielerenthousiastelingen in vervulling. Een van hen is Herbert Dijkstra, sportcommentator, voormalig topsporter. Bij het informatiecentrum op de top van de puist haalt de trotse Drent met een microfoon in zijn hand herinneringen op aan zijn topsportjaren. Dijkstra woonde destijds in Pesse, letterlijk onder de rook van de afvalverwerker. Maar hoewel hij en zijn trainingsmaten vaak verlekkerd keken naar de VAM-berg mochten ook zij er niet omhoog. "Moesten we veertig kilometer naar de Holterberg en de Lemelerberg rijden om te kunnen klimmen", verzucht hij.

Een hoop fietsers gingen in de loop der jaren er toch stiekem naar boven. De berg was er immers, en dus moest ze volgens het magnum opus van Krabbé bedwongen worden. Ideaal was echter anders: de klim was namelijk ook de afdaling, omdat je anders het terrein van de afvalgigant op zou rijden - hetgeen natuurlijk niet de bedoeling was. Ook het hek aan de voet van de klim zorgde door de jaren heen voor gevaarlijke taferelen.

Uit de archieven van Cor Vos: het peloton van de Ronde van Drenthe daalt de VAM-berg af. De op het asfalt gekalkte letters doen sterk denken aan de Muur van Hoei.

Maar aan het stiekeme en onveilige gedoe is nu met de opening van het fietsparkoers een einde gekomen. De smeerpijperij is voldoende afgedekt en dankzij de samenwerking van Attero, het bedrijf dat nu verantwoordelijk is voor de afvalverwerking, de provincie Drenthe en legio andere partijen zijn - voor Noord-Nederlandse begrippen - vier beklimmingen van buitencategorie gerealiseerd. Kost wat, maar je krijgt er ook heel wat voor terug.

Natuurlijk, om de behoorlijk opvallende fabriek kun je simpelweg niet heen, maar als je in plaats daarvan naar de strak aangelegde plakken asfalt kijkt kun je wel zien waarom mensen zo enthousiast worden van de VAM-berg. Eén van de vele toerfietsers die plechtig belooft het parkoers de komende jaren regelmatig te zullen aandoen tijdens trainingstochten vat het prachtig samen: "Ik had niet gedacht dat ik ooit plezier zou beleven aan een vuilnisbelt, maar hier sta ik dan. Hoe gaaf!"

"Ik had niet gedacht dat ik ooit plezier zou beleven aan een vuilnisbelt"

Nee, de VAM-berg laat zich niet meten met een Mont Ventoux of zelfs een Cauberg, maar alle vier de beklimmingen van de VAM-berg zetten zeker hun tanden in de kuiten van menige sportieveling. En het charmante is dat je de ze zo vaak kunt doen als je zelf wilt. De keuze is volledig aan de fietser: vind je twee beklimmingen meer dan genoeg en duik je voor het restant van je fietsrondje de Drentse polders in of maak je er een ware klimklassieker van en ga je voor meer dan duizend hoogtemeters? Beide opties zijn prima mogelijk.

Het maakt niet uit of je nu een afgetrainde coureur bent of gezegend bent met een buik die doet denken aan Wijsterse afvalberg: voor een leuk stukje klimmen kun je nu ook 'gewoon' naar Drenthe afzakken. En het wordt nog mooier, want vanaf volgend voorjaar kunnen ook mountainbikers zich uitleven op uitdagende parkoersen met, naar verluidt, diverse uitdagende stunts. Dat belooft...

Het absolute hoogtepunt van de nieuwste wielerhotspot van Nederland is zonder twijfel de korte stenenstrook aan het einde van één van de hellingen. Het is een verwijzing naar de vele keienstroken die ergens in, zoals ze het zelf zeggen, dé fietsprovincie van Nederland verscholen liggen. Het hobbelpad is slechts 160 meter lang, maar het is echt een toevoeging: je kunt je er heel kort op de Koppenberg wanen.

       Dit bericht bekijken op Instagram                

Een bericht gedeeld door Over kasseien en kiezelstenen (@over_kasseien_en_kiezelstenen) op  

De VAM-berg zal nooit de moeilijkste beklimming van Nederland worden en dat heeft ze ook nooit willen zijn. De VAM-berg kent haar plek in de wielerwereld heus wel. Hiervan getuige alleen al het grote blauwe bord op de top van de hobbel. Daar staat in grote letters op gedrukt dat je naar 4800 centimeter boven N.A.P. bent geklommen. Ongetwijfeld zal hier in zowel binnen- als buitenland hard om worden gelachen. En ongelijk kunnen we de lachers niet geven. Want laten we eerlijk zijn: zodra je vergelijkingen gaat maken met beklimmingen elders ter wereld is de vuilstort natuurlijk een heuvel van drie keer niks. Tijdens Ardennenklassiekers of grote ronden zou een dergelijke helling niet meer dan een kleine oneffenheid in het parkoers zijn, een molshoop te midden van het echte werk. 

Wat ook veel zegt over de VAM-berg is hoe Femmy van Issum, sinds mensenheugenis organisatrice van de Ronde van Drenthe, de kuitenbijter al jaren liefkozend noemt: Col du VAM. Zowel taalkundig als feitelijk is het een volkomen onjuiste benaming, maar de 'Koningin van Drenthe' en legio anderen zweren erbij.

Velen mogen het een zeer potsierlijke naam vinden, maar misschien is juist een lachwekkende naam als deze wel het meest passend. Goed beschouwd is immers alles aan deze 'berg' potsierlijk. Iedereen die zich middels een selfie vereeuwigt met het bord op de top ziet de schoorstenen van de afvalcentrale roken en zal zich bedenken dat de vier korte beklimmingen er zonder de fabriek nooit waren geweest. Iedereen die de stijgingspercentages (tot wel vijftien procent!) weet te bedwingen kan zich met een beetje fantasie voor een paar honderd meter voelen als zijn of haar favoriete klimmende wielerheld, terwijl voor de meesten geldt dat ze daar nooit zelfs maar in de buurt zullen komen.

De VAM-berg kunnen we daarom prima beschrijven als een ode aan de verbeelding. Ooit was er iemand die besloot om een weg aan te leggen op een vuilnisbelt - een van de lelijkst denkbare uitwassen van de welvaartsmaatschappij - om daar één keer per jaar wielrenners overheen te kunnen laten rijden. Jaren later waren er weer mensen die het al voor zich zagen hoe het zou zijn om elke dag de VAM-berg op te kunnen knallen. En nu zijn er heel veel liefhebbers van de wielersport die zich, terwijl ze uitkijken op het vlakke noorden van Nederland, als Peter Winnen in de laatste kilometers van de Alpe d'Huez kunnen voelen. En al is het maar voor luttele seconden, het is een heerlijk idee dat dat nu ook in Drenthe kan.

Het was echter Elizabeth Deignan die een paar jaar geleden de VAM-berg het meest treffend van alles en iedereen omschreef. Toen haar naar de malle heuvel in Drenthe werd gevraagd had de Britse slechts drie woorden nodig de cultklim in woorden te vatten: "It's rubbish. Literally."

Meer informatie over de VAM-berg en fietsroutes vind je op https://opfietseindrenthe.nl/thema/vamberg/