Al op de eerste passage van de Mûr-de-Bretagne viel Van der Poel aan. "Ik heb wat gepokerd", vertelde hij na afloop. "Ik wilde de bonificatieseconden daar pakken. Ik wist dat ik die nodig had om geel te pakken, dit was mijn laatste kans om de trui te pakken."
Op de slotklim liet Van der Poel geen spaan heel van de concurrentie. Primoz Roglic, Tadej Pogacar en Wilco Kelderman strandden op zes seconden. "Ik heb er geen woorden voor", ging Van der Poel verder met de tranen in zijn ogen. "Dit wilde ik zo graag, het is echt ongelooflijk. Aan wie ik dacht? Aan mijn opa, Raymond Poulidor."